Coffeeshophouders doen niet mee met experiment gesloten shopketen

Printerversie
Gepubliceerd op: 06-06-2019 | Gewijzigd op: 06-06-2019
 
De Coffeeshophouders achten de nu bekende voorwaarden van het Rijk voor deelname aan het experiment niet werkbaar. 
Dit heeft met name te maken met:
- het assortiment dat tijdens het experiment verkocht mag worden, waarbij bijvoorbeeld buitenlandse hasj (dat zorgt voor ongeveer een kwart van de omzet) is uitgesloten
- de terugkeer naar de ‘oude’ situatie vanuit het experiment die praktisch onmogelijk is
 - de onduidelijkheden rondom de afbouwfase
 - de twijfel of de coffeeshops voldoende concurrerend kunnen zijn op het gebied van aanbod, prijs en kwaliteit
- onduidelijkheid over wie de leveranciers worden, wat onzekerheid en wantrouwen geeft op het gebied van kwaliteit, leveringszekerheid en een breed assortiment.
Dat is vanmorgen [6 juni 2019] in een gesprek van burgemeester Jack Mikkers met de vertegenwoordigers van de coffeeshops gebleken. In het overleg gaven zij allemaal aan dat zij de legalisatie van de levering, inkoop en verkoop van cannabis als stip aan de horizon te zien.
 
Jack Mikkers besluit niet met het experiment 'Gesloten coffeeshopketen' mee te doen.


Op basis van het voorgaande hebben de coffeeshophouders in meerderheid dan ook het standpunt dat deelname aan het experiment niet verantwoord is. En daarmee bestaat onvoldoende draagvlak onder de coffeeshophouders, hetgeen één van de voorwaarden is in de motie vreemd die u op 5 juni 2019 aannam.
Bij alle coffeeshophouders zijn er twijfels of het experiment zoals dat nu vorm is gegeven wel de beste weg is naar legalisatie. Maar zij geven allemaal aan hun ogen niet te willen sluiten voor de ervaringen die in andere gemeenten met het experiment worden opgedaan. Bij bewezen succes van het experiment willen zij graag zo snel als mogelijk overstappen op de nieuwe werkwijze. Het is dan ook hun uitdrukkelijke wens om al eerder dan na afloop van de vier jaar inzicht te krijgen in de werking van het experiment. En pleiten voor een tussenevaluatie. 
 
Mikkers:'Doordat  er onvoldoende draagvlak is onder de coffeeshophouders  kan ik niet anders dan besluiten om de gemeente  niet aan te melden voor het experiment. Maar gezien de grote betrokkenheid van de coffeeshophouders om werk te maken van legalisatie, zou het een gemiste kans zijn hier verder niets meer mee te doen. Hun pleidooi voor een tussentijdse evaluatie deel ik daarom op verschillende tafels en de bij het experiment betrokken organen