Bossche hofjes

Printerversie
Gepubliceerd op: 09-11-2020 | Gewijzigd op: 16-11-2020
Deze serie gaat over hofjes zoals we die veel in Amsterdam en in Haarlem zien. Maar Den Bosch heeft er ook een aantal en dan ook nog een Hofstad en een Hof van Zevenbergen. Die naam slaat meer op hof in de betekenis van groot huis /villa met tuin/boomgaard.
Dan heb je ook hof zoals het erf bij een boerderij vaak wordt genoemd.
Tenslotte kennen we ook nog ‘hof’ in de combinatie bij een kroeg, Hof van Brabant, of Hof van Holland e.d. .
Paleis van de hertog van Brabant En als we eeuwen terug gaan komen we het Hof van Brabant tegen in de zin van het paleis van de Hertog van Brabant. Dat bevond zich onder de percelen op Pensmarkt 16,18, 20, 22 en 24. Daar [pand van voorheen de Bata op nr.16] werden in de jaren 60 fundamenten gevonden van het paleis van de Hertog van Brabant. 

Hofje of poortje van Pikarie
Een vergeten en ook een verdwenen hofje als steegje in de Berewoutstraat.  De naam hofje of poortje is  hier vermoedelijk afkomstig van een Fransman die daar in de 19e  eeuw heeft gewoond. Op de plek van dit hofje [halverwege de straat links] werd een wooncomplex gebouwd.
 
Verdwenen zijsteeg van de Berewoutstraat:  Hofje of Poortje van Pikarie.

Citadelhof

Citadelhofje Hierboven met bovenin het afgekapte huis dat,  bij de aanleg van de Diezebrug in 1949,
moest wijken voor een betere traverse
.
foto's © paul kriele, 7 november 2020.
-------------------------------------------------------------------------

1. Citadelhofje. Een serie van 19 huisjes op de Citadellaan met de nummers 30-64, waarvan er eentje werd gesloopt bij de verbreding van de oprit van de Diezebrug in 1949 en van de traverse over de Orthenseweg. Het ontwerp is van de Bossche architect H.W. Valk, die de huizen met een zolderverdieping voorzag van een mansardedak.
Het besloten karakter wordt nog eens gekenmerkt door de lage muurtjes voor de huizen.

Hofje van Koolen Oude situatie
Doorkijk in Hofje van Koolen gezien vanaf het Noorden.
Op de achtergrond de Walpoort met sedert kort ICT-gebouw van JADS.
 Voorheen restant van Uilenburgklooster. 

Nieuwe situatie 
Uilenburg. Van het Hofje van Koolen is niets meee over. De auto heeft er de overhand gekregen.  Op de achtergrond de Walpoort. foto's © paul kriele, 7 november 2020.

2 .Het Hofje van Koolen ligt, liever lag toen het nog origineel bebouwd was, tussen de Walpoort en de Molenstraat in de Uilenburg. Een markant pand is gelegen op de hoek met de Gasthuisstraat, waar op nummer 4 nog een oud gasthuisje staat waarvoor oud stadsraadslid Jan Schilder [*22 augustus 1500] het initiatief nam. Daarom kreeg dat pandje dan ook de naam Jan Schildersgasthuis.

Hofstad
-Hierboven: De Hofstad.
- Onder de Nieuwe Hofstad  met speeltuintje
.
foto's © paul kriele, 7 november 2020. 

3.Hofstad  Hoewel de naam zou leiden naar het vroegere Hofstad is van die knusheid niet veel meer over dan nieuwbouw. Het puur Bossche [volks-]wijkje bestaat uit de Hofstad en de Nieuwe Hofstad Het ligt ingeklemd tussen de Muntelwal en Hinthamereinde.

Hof van Zevenbergen 
De Hof van Zevenbergen gezien vanaf de Prins Bernhardstraat en vanaf de Keizerstraat.  foto's © paul kriele, 7 november 2020.

4. Hof van Zevenbergen
Dit Hof van Zevenbergen is een Hof in de opzet van mansio of villa met een tuin of boomgaard [perengalerij]. Het perceel ligt noordelijk langs de Keizerstraat en zuidelijk ingeklemd met de Prins Bernhardstraat. Deze mansio was oorspronkelijk een 15e eeuws adellijk stadspaleis van Cornelis van Glymes die zich vanaf zijn huwelijk in 1481 Gerrit van Zevenbergen ging noemen.
Het dubbel herenhuis kreeg in 1783 de functie van Roomsch Weeshuis. Voordat dat het -na aankoop door de gemeente in 1970, twintig jaar later [1989-1990] werd gerestaureerd, deed het nog dienst als oud-mannenhuis, Trombosedienst van het Rode Kruis en tenslotte als kraakpand.

IJsselsteinstraat
Een poortgebouw dat de indruk wekt een hofje te omsluiten. Het is een deel van de IJsselsteinstraat. Boven de doorgang zit een muursteen met Beter Wonen.
foto © paul kriele, 7 november 2020.

5. IJsselsteinstraat in de Muntel. Daar bevindt zich achter een poort ter hoogte van nummer 2, een binnenplaats met bergingen. In de gevel is boven de poort op een muursteen door de toenmalige woningbouwvereniging de tekst aangebracht ‘Beter Wonen’.

Kruisbroedershof
-Boven: Het pleintje met rondom bebouwing van het Kruisbroedershof.
-Onder Vanuit het bninenplein  zicht op de St.Cathrien waarnaar
het hofje is genoemd toen het nog een kruisherenkerk was.

foto's © paul kriele, 7 november 2020.

6. Kruisbroedershof  
Dit hofje, achter een doorgang in het Kruisbroedersstraat gelegen, bevindt zich op het oude kerkhof van de kloosterkerk van de Karthuizers die in 1470 daar een klooster en kerk lieten bouwen.
De huidige St.Cathrien is na diverse verbouwingen van de kloosterkapel tot kerk, in 1916 op de plek van die kloosterkerk gebouwd, maar van die kloosterkerk bleef alleen het koor [*1533] boven de Binnendieze bewaard.

Pelssingel
De Pelssingel waarlangs de serie woninkjes staat gegroepeerd, deels binnen een hofje. foto's © paul kriele, 7 november 2020.

7. De naam Pelssingel herinnert aan een stadsbestuurder: Theodorus Pels, die van 1891-1916 gemeentesecretaris was. Aan de rechterkant [gezien vanaf de Ruckertbrug] staan langs de er achter stromende Aa een serie van 14 twee-onder-een-kap woninkjes, waarvan een deel de nummers B551 -560 en 561-566 rondom een U-vormig hofje.
De betonnen woninkjes dateren van kort na de oorlog. Ze zijn snel gebouwd in een tijd van woningnood [1946-1947]. In 1970 vond er een renovatie plaats maar ingrijpender was die van 1983 toen de pandjes nog eens helemaal werden opgeknapt en gemoderniseerd.

Zie ook artikel dd. 17 april 2011 Sloop en renovatie huisjes aan de Pelssingel. 

Rietpolderplein
Niet als hofje benoemd Rietpolderplein, maar zeker wel met de karakteristiek van hofje.  foto © paul kriele, 7 november 2020.

8.Rietpolderplein nabij de Pelssingel 
Hoewel niet als hofje genoemd is het qua structuur en intimiteit een hofje. Het pleintje ligt aan een van de zijstraten van de Pelssingel en is ook van de Geert van Woustraat bereikbaar. Het hofje is in opdracht van de Vereniging van Militairen [onder-officieren] in1921 gebouwd naar ontwerp van architect J.B. van de Haar.
De naam Rietpolderplein is afgeleid van de topografische naam Rietpolder die daar voorheen bestond.

Sint Jacobshofje
Een zijdeel van de Mgr. Prinsenstraat is het St.Jacobshof.
foto's © paul kriele, 7 november 2020. 

9. De naam Sint Jacobshofje refereert natuurlijk naar de oude St. Jacobskerk die op de plek van het gebouw van Erfgoed [Groot Tuighuis] stond en later nieuwere versies kreeg. Rondom die kerk lag het Sint Jacobskerkhof. In die buurt vond begin jaren dertig de eerste Bossche stadssanering plaats. Daaruit zijn de straten o.a. Bethaniëstraat en Baselaarstraat en ook het Sint Jacobshofje voortgekomen. Dat hofje werd in 1931-1933 gerealiseerd door financiering van de Jacobparochie.
Aanvankelijk waren de 44 huisjes, ontworpen door de Bossche architect C. M. Evers, voor bejaarden bedoeld en vervolgens ook voor patiënten van het nabij gelegen Reinier van Arkel. Een renovatie gebeurde in 1993.

Tilmanshof 
De in koloniale- ofwel stationsstijl,  naar ontwerp van Jules Dony rond 1896 en1897 gebouwde woninkjes .Ze lagen, wat in die tijd nog de Zuidwal heette, net over de Binnediezie die in 1950 werd gedempt. foto's © paul kriele, 7 november 2020.
.............................

10. Tilmanshof  Deze naam geldt wel voor het hofje, maar niet voor de kadastrale locatie. Dat is Parklaan 14a t/m 21. [mejuffrouw] Tilman bewoonster van het Verguld Kabeltouw aan de Vughterstraat, is de bestuurster geweest van de Regenten van de Godshuizen onder welk college onder meer het Groot Ziekengasthuis viel. De stichting Tilman liet die acht huisjes op die plek bouwen voor haar rooms-katholieke werknemers/ sters en minvermogenden. Tilman woonde in de Vughterstraat in het Vergult Cabeltouw.
Voorheen stond op de plek van het hofje een boerderij met boomgaard en bierbrouwerij in eigendom van een Velddrielse pastoor en zijn twee zussen. Mr. Victor Tilman kocht via notaris Jan de Berg [acte dd. 7 september 1889 van de Velddrielse pastoor Augustinus, Henricus Josephus Mulders en de koopman Wilhelm Hoster het betreffende perceel ter grootte van 35 are, gelegen aan [toen nog ]de Zuidwal voor Hfl. 31.000.
De bouw werd in twee fasen gerealiseerd, in 1896 het carree en het jaar daarop de binnenzijde. Advocaat mr. Victor Tilman, die in 1898 in bezit van die huisjes waren gekomen, stichtte in 1907 de charitatieve stichting van weldadigheid. In datzelfde jaar 1907 bracht Tilman via notaris Jan de Bergh de aan hem toegekomen huisjes in die stichting onder.
Op 12 april 1896 verleende de gemeente een bouwvergunning voor de aanleg van een houten brug over de Binnendieze die in 1950 gedempt zou worden. Uit de kadastrale kaarten van maart 1896 en februari 1897 blijkt dat de huisjes, naar ontwerp van architect Jules Dony, die ook vele huizen op ’t Zand ontwierp, in de lager gelegen moestuin zijn gebouwd. Ook de vader van Victor Tilman en de bankier Lodewijk Rouppe van de Voort behoorde tot de eerste bestuurders van de stichting Tilman.

Berewouthof op de Westwal
-Berewouthof . Voormalige kazerne van de veldartillerie uit 1744, die na 1920 een woonbestemming kreeg. foto's © paul kriele,  november  2020. 
 
11. Berewouthof  De in 1744 gebouwde Berewoutkazerne dankt zijn naam aan de begin 14e eeuw levende Arnout Berewout, een adellijke Bosschenaar. Arnoud Berwout was een onroerend goedbaas die in de stad vele huizen in eigendom had. De kazerne was, naast de Mortel-, de Tolbrug- en de St.Jacobkazerne een vervangende legerplaats voor de 10.000 militairen van het garnizoen die voor de tijd in barakken of bij Bossche inwoners [in]woonden. De Berewout diende voor 384 manschappen van de veldartillerie. Ze werd ook wel Barabarakazerne genoemd, een naam die afgeleid is van de patrones van de artilleristen.
De kazerne aan de Westwal werd in 1902 een legermagazijn. In 1920 is de bestemming voor het leger opgeheven. Daarop volgde een ingrijpende verbouwing tot woningen en werd ook het ervoor liggende hof ingericht. In 1984 kreeg de kazerne de status van Rijksmonument.

12. Zusters van de Orthenpoort
-Hierboven: Het uit 1950 -na een instorting- herbouwde poortgebouw van de Zusters van de Orthenpoort. 
-Onder: De huizen rondom een hof
. foto's © paul kriele, 7 november2020. 

De Zusters van de Orthenpoort is ook niet aangemerkt als hofje. maar de structuur duidt er wel op als is er geen sprake van een U-vormige opzet. Dit complex is gesticht door ridder Jonker Jan van Orten. In 1623 werd de straat Colverspoort veranderd naar Zusters van de Orthenpoort vanwege het er achter gelegen klooster dat dateert van 1409. Deze kloosterzusters waren geen nonnen, maar zij volgden de lijn van de Broeders van het Gemene leven.
Het hofje dateert van kort na de Tweede Wereldoorlog en kreeg de bestemming als bejaardenwoningen. In 1982 volgde een renovatie. Op de pandjes bevindt zich een muursteen die de geschiedenis van het klooster kort afbeelden: Bierbrouwerij [nrs. 1-7], Bejaardenverblijf [nrs. 9-15], linnenweverij [nrs. 17-23], terugreis van de ‘zusters’ uit Vught[ nrs. 25-31 en godsdienstoefeningen [nrs. 53-59]. De stenen zijn een ontwerp van Frans van de Burgt.
Het poortgebouw is na het instorten ervan in 1950 in een nieuwe staat opgetrokken door medewerkers van de Sociale Werkplaats. Het heeft intussen gediend als sociëteitsgebouw [HTS-ers] en is tegenwoordig het onderkomen voor de Oeteldonksche Club.
Voor het poortgebouw staan dertien, in 1986 opgeleverde eensgezins woningen, die naar ontwerp van architect Barry Stavert zijn uitgevoerd in houtskeletbouw. 

Groot en Klein Begijnhof
De Parade, waar tussen 1280 en en globaal 1721 het Groot Begijnhof stond. Omdat de funderingen er van zich  nog steeds in de grond bevinden heeft de gemeente er nog geen archeologisch onderzoek naar gedaan. foto © paul kriele, 6 juli 2016. 

13. Groot Begijnhof op Parade
Op de Parade lag van 1274 of vanaf 1280 het Groot Begijnhof. Het ommuurde complex, waar 300 welgestelde begijnen woonden, strekte zich uit tot in de Triniteitstraat. Middenin stond een kerk gewijd aan de H. Nicolaas en ook nog een Groot- en Klein Infermerie.
Door de inname in 1629 door Frederik Hendrik van de stad werd de rooms katholieke godsdienst niet meer getolereerd en moesten alle religieuzen de stad verlaten. De begijnen mochten tot hun dood blijven. De laatst stierf in 1675.
.Toen ontstond er een geschil over de eigendom van het bgegijnhof. Dat werd pas beslecht in 1721 toen de bouw in de Trinteitstraat  staatseigendom werd en het overige aan de gemeente toe kwam.
Het Rijk bouwde in 1741 in de Triniteitstraat de stallen voor de veldartillerie en de gemeente sloopte de rest met uitzondering van de pastorie gelegen op de hoek met de Peperstraat. Maar die  ging in 1856 ook ten onder. De stallen werden rond 1935 gesloopt.

14. Klein Begijnhof
............
Links de Snellestraat met achterin [voor het restaurant het Misverstant] naar links lopend het Begijnstraatje. Er werden op dat terrein diverse beer-en waterputten blootgelegd.  foto's © paul kriele, 25 april  2005.

Het Klein Begijnhof lag in gesloten tussen het Begijnstraatje de Snellestraat, de Postelstraat  en de Stoofstraat. Daar is bij opgravingen in april-juli 2005 archeologisch onderzoek gedaan. De meest opmerkelijke vondst was  de complete 'heksenpot' [?].  Deze is omstreeks 1300 omgekeerd onder een leemvloer begraven, waarna men het gat heeft afgedekt met een plank.

Aannemersbedrijf Drijvers  bouwde er nadien in de Stoofstraat en in de Snellestraat woningen, winkels en horecazaken, o.a. restaurants.
 
.......... ............
Doorkijk naar binnenterrein vanuit de Stoofstraat. foto's © marc venrooij 25 en 26  mei 2005.................................................................................. De gevelrij in de Stoofstraat met o.a. House of  Stars .
..........................................................................................

De meeste gegevens komen uit het Bossche Schepenprotocol. Er zouden circa 20 huizen of huisjes hebben gestaan. Daar tussen zitten ook cameren, dus eenkamer woninkjes.
De eerste vermelding gaat terug naar 1355 en de laatste in 1811. Eind 18e eeuw werd het complex -na sloop - bebouwd door  de wijnhandelaar uit Postelstraat 49, Thomas Cornelis van Rijckevorsel. Deze man, die vanaf 1798 tevens stadsbestuurder was, wilde er een eigen woning met tuin realiseren. 

Bronnen: Bossche Encyclopedie en bastionoranje.nl.

Terug naar boven