Versmarkt Paleiskwartier v/h SM's in najaar open

Printerversie
Gepubliceerd op: 15-07-2015 | Gewijzigd op: 20-07-2015
De nieuwe versmarkt Van Heinde  aan de Magistratenlaan in het Paleiskwartier, die momenteel wordt ingericht in het voormalige Stedelijk Museum*, gaat - naar verwacht - komend najaar open. Het langgerekte pand met de bekende sheddaken krijgt twee etages en een parkeerkelder.

De versmarkt 'Van Heinde' bevat  diverse versafdelingen met verse seizoens-en regioproducten, zoals een groenten- en fruitafdeling, een vis en vlees en een bakkerij. Er is ook een afhaalbalie voor meeneemmaaltijden en een restaurant annex proefzaal op de eerste etage. Om het pand heen zullen nog terrassen worden aangelegd waar vanuit men door glaspanelen naar binnen kan kijken.

Eigenaars van het pand zijn de beleggers Patrick van Rijt [Investeringsmaatschappij Mobion] en Rogier Arntz[marketingbureau Boost]. 
De in Haaren geboren Caspar Schoenmakers, die in Delft aan de TU Technische Bedrijfskunde studeerde, is de huurder. Schoenmakers was jaren marketeer bij Procter en Gamble.
De Brabantse Ontwikkelings  Maatschappij [BOM] is mede investeerder. 'Den Bosch' betekent voor Schoenmakers een eerste start om eldersook een versmarkt te gaan openen.

De stadszijde van de Van Heinde
versmarkt waarlangs de parkeerkelder is aangelegd.
De achterzijde van de versmark met de karakteristieke -nog maar -12 sheddaken
foto's © paul kriele, 21 juni 2015.

*Het Stedelijk Museum zat tussen 2005-2012 in een gebouw waar voorheen Interpharm [Lamers & Indemans] was gevestigd. Het bevatte naast kantoren ook de opslag voor de distributie van de medicijnen e.d. . Het fabriekspand** dateert uit de jaren vande wederopbouw [1951], die door de energieke burgemeester Frans van Lanschot metterdaad werd opgepakt. Van Lanschot haalde diverse fabrieken vanuit de VS naar Den Bosch, waaronder Remington, AMP en Nicholson File.

**Tot monument verklaard
Karakteristiek van Interpharm waren de sheddaken. Van die daken zijn er van de 23 nog twaalf overgebleven. Dat overgebleven deel kreeg de status van monument.