Sprekers bij 30 jaar St.Jansmuseum de Bouwloods wijzen naar nieuwbouw

Printerversie
Gepubliceerd op: 20-06-2019 | Gewijzigd op: 21-06-2019
Op donderdagmiddag 21 juni 2019 werd in het Sint Jansmuseum  een symposium gehouden bij gelegenheid van het 30-jarig bestaan van het museum, voorheen de Bouwloods.  De neiwubouw daterend dus van  1989  kwam in de plaats van van een complex van houten keten.
Diverse sprekers bij het 30 jarig bestaan van het  Sint Jansmuseum verwezen naar de achtereenvolgende nieuwbouwplannen.
 
Dit complex van houten
keten heeft globaal
honderd jaar op het Sint Janskerkhof gestaan.


© foto van scherm.

Een stille wens- en wat terughoudend geuit -over de weer jaren opgeschoven nieuwbouw van de bouwloods, dat deden alle sprekers bij 30 jaar St.Jansmuseum de bouwloods dat met een symposium donderdagmiddag 21 juni 2019 in de bouwloods werd gevierd.

Ook plebaan Vincent Blom refereerde in zijn opening aan de nieuwbouw: 'Ik hoop dat het goed komt met de bouwloods. Maar ik ben priester en geen profeet, 'zei Blom veelzeggend. 'We koesteren het als een een kostbaar relikwie uit de geschiedenis.'
 
......
Plebaan Vincent Blom deed de aftrap van
het symposium waarmee 30 jaar Sint Jansmuseum/de Bouwloods werd gevierd.
 
.................................................................................
De zaal in het Sint Jansmuseum.

foto's © paul kriele, 21 juni 2019.
.............................................................................................................

Actueel was nog het meest Wies van Leeuwen, voorheen provinciaal cultuurhistoricus, die een voor de stad gevoelige snaar aan sneed.
Maar Wies van Leeuwen besloot zijn bijdrage dat de gemeente een doodzonde had begaan door een eenmaal goedgekeurd bouwplan voor een nieuw theater te wijzigen. Iets gelijksoortigs had architect Pierre Cuypers in Roermond ook gedaan door het door de burgemeester goedgekeurde en afgetekende plan van de Munsterkerk met twee twee-etage hoge torens te veranderen in drie traveeën. Zo gek was Cuypers van de torens van Franse kathedralen…dat hij zijn visie daarover zo door drukte. Dat moeten we in Den Bosch niet doen, zei de provinciaal cultuurhistoricus. Een vingerwijziging die gelach in de zaal op riep.
 
Gastheer Ben Vedder, voorzitter van
het stichtingsbestuur van het Sint Jansmuseum
en Trudy van Lierop, commissielid van het museum


foto © paul kriele, 21 juni 2019.
..................................................................................................

Gastvrouw Trudy van Lierop van de museumcommissie zinspeelde als eerste in haar welkom op de nieuwbouwplannen van ‘het wat oubollige museum dat een modern ontvangstruimte moet krijgen met een multifunctioneel bezoekers –en informatiecentrum. Daardoor zullen de bezoekers /toeristen meer bij de Sint Jan en het Sint Jansmuseum worden betrokken.’Van Lierop haalde daarover letterlijk enkele zinsneden uit een boek van Ronald Glaudemans aan.

*Glaudemans is de auteur van onder meer 'De Sint Jan in 's-Hertogenbosch. Bouwgeschiedenis en bouwsculptuur 1250-1550'.
 
..... ................
Wies van Leeuwen voorheen
provinciaal cultuurhistoricus gaf een uiteenzetting over de soorten en bouwstijlen van kathedralen. 
..............................................................................
Bouwhistoricus bij Erfgoed
Ronald Glaudemans.
foto's © paul kriele, 21 juni 2019
..........................................................................

 

Bouwhistoricus bij Erfgoed  Ronald Glaudemans 
Andere sprekers waren Van Wies van Leeuwen, die voor de leek [enkele tientallen museumvrijwilligers waren aanwezig], nogal diep op de bouw[-elementen] in ging en Ronald Glaudemans die een lange reeks van voorbeelden van bouwsculpturen en andere bouwelementen, uit ‘de keuken van de Sint Jan’ liet passeren. Glaudemands:'Indertijd heb ik alle 650 middeleeuwse bouwsculpturen op rij gezet.’
De bouwhistoricus die meerdere boeken over de St. Jan schreef, deed een oproep om, beter dan in het verleden is gebeurd, alles van het restauratieproces en de resultaten en achtergronden nauwkeurig vast te leggen. Dat helpt bij een beter inzicht in toekomstige restauraties. Door dat gemis zijn we veel veranderingen aan de kerk verloren geraakt. In onze tijd zijn we vaak de restauraties uit het verleden [van 1873 en van 1969] aan het restaureren.
De bouwhistoricus gaf ook een opsomming van wat er zich allemaal in de kelder van de bouwloods bevindt: fotocollectie [1920-2019], tal van gipsafgietsels en kopieën van originelen, schetsboekjes, van de Gebroeders Donkers [1853], bouw- en ontwerptekeningen, tekeningen van de glas in loodramen en het dienst als depot van de restafval van de restauraties. Verzuchtend eindigt Glaudemans: ‘We moeten oppassen dat in depot aan beelden niet een tweede Sint Jan krijgen..’
Glaudemans liet ook de eigentijdse vervuiling merken: de roetaanslag die machinaal /chemisch wordt verwijderd: zoals de straling [met glasdeeltjes], met laser stralen, of tegenwoordig het impregneren. 
 
Jos Koldeweij.

foto © paul kriele, 21 juni 2019.
............................................................

Jos Koldeweij bracht ondermeer plannen voor de bouw van een bouwloods [o.a. van stadsarchitect Piet van Kessel 1934 en 1942] in beeld. Koldeweij onderstreepte de unieke collectie die zich in de bouwloods bevindt. ‘Dit gebouw is een geheel van een scheppend verhaal’. Maar de Jeroen Boschkenner/ hoogleraar aan de Universiteit van Nijmegen, meldde ook dat tal van objecten [van derde kwart 14 eeuw] in de loop der tijd [eind 18e eeuw en 19e eeuw] zijn uitgeleend en vaak niet zijn teruggekomen. 'Dat was een grote fout,' aldus Koldeweij.
Het vroegere Noordbrabants Museum [Provinciaal Genootschap], het Rijksmuseum, Museum Boymans van Beunningen, Museum Valkhof in Nijmegen en Sparrendaal in Vught hebben of hadden bouwsculpturen van de Sint Jan in huis.
 

Deze spuger is de favoriet van Koldeweij. 'Dat komt  door zijn eigenzinnige
kracht. Het is meer dan een
bouwsculptuur,' zegt Koldeweij, die vertelde dat dit  beeldje uit 1360 meermalen [o.a.in 1510] werd verplaatst en uiteindelijk
zijn functie van waterafvoerder verloor
.
......................................................................

© foto van scherm.

Spuger  uit omstreeks 1350 voorbeeld voor de erfgoedwaardering
Koldeweij neemt deze spuger als voorbeeld van de waardering voor het erfgoed van de Sint Jan dat in de 16e eeuw ontstaat. De uit omstreeks 1350 daterende spuger, die in 1510 aan de Zuidzijde een nieuwe plaats kreeg, is daar het symbool van. Koldeweij sprak tot slot de wens uit, dat straks als er - in welke vorm dan ook - een nieuw Sint Jansmuseum komt, deze spuger opnieuw  een mooie plaats moeten krijgen.' 

Het nieuwbouwplan 2009 strookte niet met St. Jan
Koldeweij gaf in zijn bijdrage ook een afkeurende mening gaf over het in 2009 door Bierman en Henket ingediende bouwplan dat hij letterlijk te hoog verheven en te ambitieus vond. [Uitkijk-] toren/lift en kelder paste niet bij de St.Jan, die overigens nooit een crypte heeft gehad. ‘Dat plan voor een immens museum steekt me nog tegen de haren in,’ sprak Koldeweij. ‘Dat was niet het verhaal dat we hier vertellen.’

Na afloop was er nog een feestelijk en gezellig samenzijn in de koffiezaal van het museum.

Terug naar boven