De Gruyter na de oorlog


Korte De Gruytergeschiedenis

Vanaf 1765 kende ‘s-Hertogenbosch de familie De Gruijter als kruideniers. De familie stond bekend als koffiebrander, maar door de eeuwen heen werd aan de koffie steeds meer producten toegevoegd. In het bijzonder in de 20e eeuw groeide het bedrijf uit naar een kruideniersimperium onder de naam De Gruyter met afzet in 525 winkels. Om kosten te besparen werd de “ij” in de naam vervangen door de “y”. De veelal eigen merken werden geproduceerd in drie grote fabrieken in deze stad. Aan de Veemarktkade in ’s-Hertogenbosch bouwde De Gruyter vanaf 1936 een aantal bedrijfshallen en in 1956 verrees hier ook het hoofdkantoor.
Het totale bedrijf was in de branche toonaangevend. Vanuit Zaandam concurreerde Albert Heijn, als koffiebrander en kruidenier, maar De Gruyter bleef lange tijd de grootste winkelketen. De Gruyter ging echter niet mee in de ontwikkeling van supermarkten en bleef te lang vasthouden aan de eigen formule. In 1976 viel het concern helaas uiteen en aan de Veemarktkade zette Hamido de productie voort. Ook dit bedrijf kon het niet bolwerken en werd in 1982 gedwongen de activiteiten te staken.

Na overname van het terrein en de gebouwen door BIM Vastgoed werd het complex gebruikt voor de huisvesting van startende ondernemers. Het zeer grote complex (in totaal 55.000 m²) herbergt tegenwoordig een grote verscheidenheid van bedrijfsactiviteiten. Sommige ondernemers zijn er al 20 jaar gehuisvest en voor starters is het een uitstekende plek om op flexibele basis passende huisvesting te vinden. In toenemende mate vragen ondernemers uit de creatieve sector en kunstenaars om studio- en atelierruimte in dit karaktervolle fabriekscomplex.


BIM Vastgoed wil deze ontwikkeling meer stimuleren en nog meer plaats bieden aan bedrijven op het gebied van multimedia, ict, kunst, ontwerp en vormgeving. Het fabriekscomplex mag een broedplaats worden voor innovatieve, culturele en creatieve bedrijven.

BIM Vastgoed onderzoekt op dit moment de mogelijkheden om door onderhoud en investeringen het complex zowel in gebruiksmogelijkheden als in uitstraling te versterken.
Zowel het kantoorgebouw als de bedrijfshallen zullen de komende jaren onder handen worden genomen. Het buitenterrein zal opnieuw worden ingericht.
BIM Vastgoed wil door het versterken van de historische kenmerken van de gebouwen dit complex opnieuw zijn uitstraling geven.
Om deze ambitie te onderstrepen zal de naam van het complex per 1 januari 2008 veranderen in “De Gruyter Fabriek”.-

De bouw uit de jaren dertig komt in de oude stijl terug door aanbowusel te verwijderen.
foto's © paul kriele, 8 september 2008
Voor een museum zijn de shed-daken bijna oodzakelijk voor de lichtval..
------

-------------------------
Drie belangrijke data:
1818 de vestiging van de eerste graanhandel op de Hooge Steenweg [Het Schaekburt] , die later [1896] een De Gruyterwinkel zou worden. 1829 toen Piet het fabriekje van garen en lint aankocht. Dat zat in het pand tussen he t1e en 2e Straatje van Best. Nu een trapgevelhuis. Dat pandje, waar aanvankelijk nog een paardenrosmolen het graan plette, was feitelijk de eerste De Gruyterfabriek. Daar is echter nooit of nauwelijks koffie geproduceerd/ gemalen.
1904 in dat jaar is de eerste steen [door de vierjarige Lodewijk] gelegd van de allereerste fabriek aan de Smalle Haven.
Vanuit de Hoge Steenweg is zowel het productiebedrijf ogezet als de detailhandelsorganisatie. De een werd geleid /opgestart door Lambert en de winkelketen door Jaques, beiden kleinzoon van Louis [zoon van Piet]. 
Jacques vestigde zich in Utrecht, waar hij in 1896 aan het Vreeburg de eerste DG-winkel opende.
De fabrieken zijn verrezen in Den Bosch , zoals gezegd aan de Orthenstraat/Smalle Haven. In de jaren dertig volgde nieuwbouw aan de Veemarktkade en in de jaren eind 60 aan de Parallelweg.

reden van ondergang
Ten eerste schakelde Lodewijk, die geen tegenspraak duldde, en beïnvloed werd door de alom zuinige neef Paul, over naar grotere supermarkten en ten tweede hield deze Lodewijk, die zowel de productietak als de winkels leidde, te lang vast aan zijn eigen -alom gewaardeerde - koffie en thee. Hoewel Lodewijk in 1967 met pensioen ging bleef hij aan als adviseur van de Raad van Bestuur waardoor zijn macht en invloed gecontinueerd werd.

Lodewijk de Gruijter
Door een mismanagement, zuinigheid bij het overschakelen naar supermarkten en een te lang aanblijven van de godfather Lodewijk de Gruijter, die zowel de productie als de retail bestierde, raakt het bedrijf in de versukkeling. 

Op drie pagina's is over het bedrijf te lezen. In 2002 organiseerde het Noordbrabants Museum een breed opgezette tentoonstelling over De Gruyter, waar zelfs de geuren van koffie en fabriekshallen hing. In een nagebouwd directiekantoor met een portrettengalerij van directeuren, klonk de stem van de telefoniste die achterenvolgens de stemmen van haar bazen, Lodewijk en Paul en andere leiders aankondigde. 
Uiteraard trok het De Gruyters Snoepje van de Week veel belangstelling. Deze cadootjes of premiums waren niemandalletjes. Zo simlep als wat waren ze geliefd bij kinderen die elk week uitkeken naar de door 'de huisvrouw' op maandag of dinsdag bij een colporteur bestelde boodschappen die op het eind van de week thuis werden bezorgd. Bij 4 gulden, later 10 gulden aan boodschappen, zat een zakje of rolletje snoep en een spelletje [autootje dierenfiguren of wat ook] dat in China voor nog geen cent was ingekocht.
Lodewijk de Gruijter
* 16 juli 1900 + 25 september 1989.






Verkoop in 1971: Onroerend goed verdeeld 

In 1971 is het bedrijf aan de SHV in Utrecht verkocht [inklusief het verlies van 16 miljoen gulden].* Bij die overdracht hoorde 180 De Gruyterzaken [inklusief de slijterijen], 15 Disky-zaken, 7 Kijkshops, 2 Trefcenters en 21 filialen van Winkel Thuis.  
Het Brabants Dagblad meldde toen dat er 46 miljoen gulden verlies was, maar volgens de drectiesecretaris Beks was dat een verkeerde voorstelling van zaken. 
Feit is dat de SHV aan de De Gruyterfamilie 16 miljoen gulden betaalde. Deze familie, de bewinvoerders, hadden zich volgens een Unisono [eenstemmingheid- ] formule tot een zakelijke beheer geformeerd.
De Kijkshops gingen over naar V&D, die al met Sellers & Sellers die formule had nageaapt. De Bijenkorf neemt de T2 Trefcenters over. De Centrale Slajgerij aan de Paralleweg werd door Wagemans Vleesunie in Deventer gekocht. 
Schuitema koopt 8 filialen en de rest van de winkel komt in handen van De Spar.

*De Telegraaf berichtte op 23 september 1970 als eerste over de verkoop.

In 1976 kocht de gemeente Den Bosch het gele gevaar, zoals de fabrieken /kantoren in de Orthenstraat werden genoemd, voor 5,6 miljoen gulden.
Over het bedrijf De Gruyter verscheen in oktober 1992 het boek 'De Gruyters Snoepje van de Week' met tal van zakenfeiten en tientallen interviews met oud-De Gruytermedewerk[st]ers.

De na-oorlogse periode
Vanuit de eerste units aan de Smalle Haven is successievelijk [1912/13, 1915/17, 1923,1930 en 1939] het complex uitgedeid. Behalve productie-eenheden voor koekjes, soepen jams en koffie en thee was er ook een drukkerij, reclameafdeling, proeflokaal en laboratorium/research.

De ingang aan de Orthenstraat was rijk aan marmeren trapopgangen met messing balustraden en in Jugendstijl uitgevoerde ornamenten. De kantoren op de directievleugel waren ingericht met lambrizering, rijk beklede schouwen, bedrukt behang en meubilair van een dure houtsoort [Afrikaans teak?]. Op de directiekamers sierden Chinese vazen, antiek schilderijen de interieurs die verder aangekleed waren met staande klokken, kroonluchters en andere meubilair waarvan uiteenlopende kostbaarheden dateerden van 1918, toen het honderdjarig bestaan was gevierd.


Het Wij-gevoel bij De Gruyter, bij gelegenheid van een koninklijk bezoek.

In de na-oorlogse periode maakte ook De Gruyter de effecten van de opbouw mee. De winkelketen groeide gestaag , voor nieuwe ontwikkelingen werd schoorvoetend gekeken naar Amerikaanse voorbeelden. Moeizaam De omschakeling van de traditionele bedieningswinkel naar de Zelfbedieningswinkel ZBW- eind jaren vijftig -was al een hele ingreep. Daardoor kwamen de winkelmagazijnen vrij, wat in 1967 een doorslaggevend element betekende voor de ontwikkeling van de wijkdistributie-winkel [magazijnen].Was eerst de 10 procent een belangrijk lokkertje, de bezorgdienst was dat niet minder.

Het vervoer van paard en wagen naar gemotoriseerd vervoer. foto's © gerard monté 3 augustus 2004.

Overigens al opgezet in 1926. 'Winkel Thuis' was de moderne naam van geworden voor de colporteur die met zijn notitieboekje de boodschappen aan huis kwam opnemen. Tot in 1974, toen die dienst te duur bleek, hebben de chauffeurs van De Gruyter in hun Fiat, later Ford Transit de boodschappen thuisbezorgd.

De omschakeling- na de ZBW- naar weer een modernere supermarkt ging voor sommigen te ver, voor anderen- de Metro Markt [1967]- niet ver genoeg. De veel minder rigoureuze keuze viel in het midden uit.

Nog steeds bestierde peetvader Lodewijk de Gruijter vanuit de Bossche hoofdzetel het concern, ook wel 'het heilige der heilige' genoemd. 'Zuinig beheer', predikte deze voorzitter van de Raad van Bestuur, een mentaliteit waarvan ook de researchafdeling te lijden had. Even standvastig en van weinig flexibiliteit getuigend, hield deze pater familias vast aan de huismerken waaraan het kortingssysteem gekoppeld was. De koppeling van de productie met de winkels was ook te sterk, zal productiedirecteur Hein Hegge later toegeven.

De jaren 60, een nieuwe tijd, toen trad ook een nieuw reclamebureau aan en dus ook een nieuwe lay-out en huisstijl.

Tegen deze factoren van beperking worden vaak traag verlopende en minder verder gaande ontwikkelingen op organisatorisch, promotioneel en marketing-technisch gebied geplaatst: loonsysteem, bedrijfsschool, bedrijfsvoetbal, uitbreiding van assortiment met witgoed, sieraden, textiel en tuinmeubilair en in 1966 verswaren!, modernisering van de winkels etc.]. De loonstijgingen en prijsverhogingen van de jaren zestig zaten overigens de detailhandel niet mee.

In die sfeer verloopt ook de vaak dure modernisering van het assortiment, zoals de opening van de slagerij aan de Parallelweg met gekoeld transportsysteem [intern en vrachtwagens].
Al traden er dan nieuwe managers in de personen van pas afgestudeerde economen aan, echt nieuw bloed viel er in de leiding niet te bespeuren. Directiesecretaris drs. Hein Verhulst was in 1964-van de bijna 150-jarige firma-de eerste niet-DG in de directie. Totdat groot-aandeelhouder Unilever het heft in handen nam en wat pionnen naar voren schoof. Maar toen was het kwaad al geschied.

Lodewijk- inmiddels bevorderd/teruggetreden als commissaris, nam in 1967 afscheid, maar in die zestiger jaren was de omzet al in een diep dal terecht gekomen. In de jaren vijftig-zestig schommelde de winst rond de vier à zes miljoen. Het klantenbestand zat op 527.000 tegen 264.000 bij Albert Heijn. Het marktaandeel koffie stond op 20%.

In de [familie-]directie bestonden tegengestelde kampen voorstanders van een snelle ontwikkeling naar grote supermarkten en anderen die kozen voor een minder omvangrijke speciaalzaken. Uiteindelijk bepaalde de directie haar keuze voor de relatief kleinere supermarkt.

Graftombe van de familie De Gruyter op de begraafplaats Groenendaal in Orthen.
foto © paul kriele, 2001.

Aandelen
De aandelen waren tussen de beide familietakken Lambert tegenover Jacques- en later Lodewijk tegenover Lo, Gerrit en Paul - gelijkverdeeld onder de veelzeggende naam Unisono. In een persbericht [juli 1967] staat te lezen, dat Unilever iets minder dan de helft, te weten 47%, daarvoor 49 % van de aandelen bezit. Maar 1961 werd het laatste topjaar met ruim zes miljoen winst Daarna gaat het in neergaande lijn. In 1968 bedraagt de winst slechts ƒ 420.002.=. De jaren van verlies zetten zich in: 1969 met vier miljoen, 1970 zestien miljoen.

In plaats van Lodewijk trad de zeker niet met kwaliteiten van moderne slagvaardigheid en expansielust begiftigde Paul de Gruyter aan. Twee componenten waarmee Albert Heijn zich juist wel had gekwalificeerd.

mr. F.C.van Luyk volgde Paul in 1968 op als voorzitter van Raad van Bestuur.
Bij de overname door SHV in 1971 schreef het bedrijf 42 miljoen verlies in twee jaar tijd. Vijf jaar later nam de Spar De Gruyter Winkelbedrijf over, dat nog heeft voortbestaan als Gruma, Gruytermarkt. Bij die overname had de SHV zich verplicht een -nu nog bestaand- distributiecentrum op de Balkweg te bouwen. later VDB/Unigro

1967 is in alle opzichten een doorslaggevend jaar geweest. Ten eerste door de invloed van grootaandeelhouder Unilever. Factoren als herstructurering [lees reorganisatie] maakten dat het resultaat achterbleef bij het jaar daarvoor. De hoge aanloopkosten van de nieuwe supers, tegenvallende winkelomzet en hoge reclamekosten speelden daarbij uiteraard een rol. Daar bovenop volgden nog eens een kostenstijgingvoor loonsverhogingen en prijsverhogingen in de dienstensector Omzetdalingen in de jaren zestig gaan vooraf aan de overname door de SHV in 1970.

Voor Van Luyk en Paul de Gruyter was het een logische consequentie om af te treden [eind 1970]. Diezelfde Van Luyk had in maart 1969 nog gezegd: De Gruyter loopt de achterstand in. We zitten in een moeilijke overgangsstructuur, maar we zijn ervan overtuigd dat we er komen [februari 1970] en september 1970:'Never change a winning team...'. 'De omschakeling naar de supermarkten is te laat ingezet..'.

Verkoop per 1 januari 1971 aan de SHV Overname van het winkelbedrijf en distributie aan VDB/de Spar in 1976. Targa Instel [voorheen Grootverbruik], Food Studio en Hamido [voortzetting productiebedrijf tot 1981] zijn later uit de overname door SHV verzelfstandigd.

Sloop in 1980
Van Hees uit Tilburg was de sloper  van ooit de Bossche roem.


In september 1980 begint het Tilburgse bedrijf Van Hees met de sloop van De Gruyter in de Orthenstraat Vijf jaar later staat er een nieuw, in moderne lijnen opgetrokken Nijssen Bouw appartementencomplex Brusselse Poort [Nijssen Bouw]. De in koperen letters uitgevoerde naam De Gruyter siert als herinnering een van de gevels in de binnentuin.
   
 Vergane glorie : 'het gele gevaar' ligt tegen de grond.  Het kantoorgedeelte aan de Orthenstraat.


Eerste Kijkshop
De eerste Kijkshop van De Gruyter opende in september 1973 aan de Zuiderparkweg in Den Bosch. De tweede volgde het jaar daarop in het nieuwe Arnhemse winkelcentrum Presikhaaf. In 1974 zijn er nog vijf bijgekomen. Wat gebeurde er rond die opening in Presikhaaf ?

Tot verbazing van De Gruyter ging veertien dagen eerder een paar deuren verder een Sellers & Sellers-shop open. De nieuwe winkelformule was in ijltempo bedacht door het duo Jan Joris Becker en Carel ten Horn! De nagebootste catalogus leek verdomd veel op de prijslijst van de Kijkshops, behalve dat de artikelen scherper waren geprijsd dan bij de Kijkshop.

Een van de panden die herinneren aan De Gruyter, de Jugendstilvilla op het Julianaplein.
foto © paul kriele, 1998.

Voor Ten Horns ex-collega’s was het wel duidelijk wat er zich in die tussentijd had afgespeeld: onder de autoriteit van de pater familias Anton Dreesmann had Ten Horn zijn plannen voor de opzet van een cataloguswinkel in het geniep uitgewerkt. Ten Horn deed de inkoop, Becker personeelszaken en Vendex zorgde voor de panden en de financiering. In de prijzenoorlog die ontstond zette de Kijkshop op alle artikelen tien procent korting.

Het werd 1976. Vlak voor de verkoop van alle De Gruyterwinkels aan VDB/De Spar, was de verkoop van de Kijkshop aan Vendex een van de maatregelen die de nieuwe bewindvoerder van De Gruyter, Jurgens, had bedacht. De Centrale Ondernemingsraad [COR] met daarin Cees Blom, Cor Versteeg en Henk Koedijk protesteerde. Afgezien dat zij er kwaad over waren dat Jurgens de Kijkshop al te eenvoudig in handen zou spelen van de concurrent, vond men het onverstandig om in een sanering juist een winstgevende tak van de hand te doen.
Het protest had effect, de verkoop werd teruggedraaid.

Onroerend goed van De Gruyter
Een gebouw aan de St.Janssingel ter hoogte van de nrs.34-40 dat voorheen bekend stond als de garage van Denisse, maar oorspronkelijk de manege was van de De Gruyters.
tekening © paul kriele, 1998.


Twee jaar later zouden de Kijkshopzaken alsnog aan Vendex worden verkocht. Daar was Ten Horn, mede dankzij een aan zijn familie gerelateerde personeelchef met open armen ontvangen. President van Vendex Anton Dreesmann was toen al begonnen aan zijn expansiedrift waarmee hij later bekend zou raken.
Aan die transactie werd door De Gruyter de voorwaarde verbonden dat Vendex er ook de Ultra-Lar supers in Brazilië bij zou nemen. Die voorwaarde werd gretig aangenomen, omdat Vendex op dat moment ook in het buitenland naar expansie zocht.

Cees van den Oord bracht een rijk met plaatjes gevuld De Gruyterboek uit dat parallel liep met de expositie in het Noordbrabants Museum.


Ultra Lar was een koopje geweest in de tijd van Jurgens’ voorganger: Cas Renders. Renders was de directeur die zich meer op de buitenlandse markt manifesteerde in plaats van dat hij zich in het ‘kleine Nederland’ inliet met het hachje van De Gruyter.
De alom bekende Kijkshops, samengevoegd met Sellers & Sellers, behoren nu tot het Vendex/KBB-concern. Maar wel volgens de eensluidende formule waarmee de Kijkshops vanaf het begin zo succesvol waren.

Lees verde: De Gruijter uitgaven
Voor historie
<< Minder informatie


Laatste artikelen binnen de categorie De Gruyter na de oorlog:

Geschiedenis en ontwikkelingen

Geschiedenis en ontwikkelingen

Gepubliceerd op: 01-01-2003 | Gewijzigd op: 25-01-2014
Korte De Gruytergeschiedenis en nieuwe ontwikkelingen.
Lees meer