Voordracht prof. Raymond van Uytven over Brabantse Beestenboel

Printerversie
Gepubliceerd op: 17-10-2006 De Vlaamse professor Raymond van Uytven, die in 1985 stelde, dat 's-Herotgenbosch niet in 1185, maar in 1196 zou zijn gesticht, sprak -op zijn eigen flamboyante wijze- over het Middeleeuwse Brabant en het gebruik van beesten in afbeeldingen en als symbolen. Daarbij haalde de boeiende verteller vaak voorbeelden uit de Bossche situatie aan. 
De lezing gebeurde ihkv 'De Tijdreiziger' in samenwerking met Boschboom en Boschlogie.


Van Uytven begon zijn voordracht met te zeggen dat hij de traditie van spelbreker wilde volhouden. Hij zei dat Brabant als zodanig ook nog geen 900 jaar bestond. De eerste hertog kreeg namelijk de titel van Lotaringen en pas later is daar de naam Brabant aan toegevoegd. In de 7e eeuw was er al wel een gouw met de naam Brabant. In de loop van de tijd is er nog al wat veranderd en daarom, als we een feest willen kunnen we wel een hele eeuw lang herdenken.

-Links boven: Opperspreekstalmeester Ed Hoffman.
-Links: Prof. Raymond van Uytven.

Rechts: Welkom door Boschboom en Boschlogie ihkv de Week van de Geschiedenis.


Hierboven: oude kaart waarop Nederland wordt voorgesteld als een leeuw. Uytven waarschuwt nog eens met het vingertje omhoog tegen de foute schrijfwijze van middeleeuwen met dubbel 'l', die zijn studenten plachten te maken. Rechts een reconstructie van de kleding van de hertog van Brabant 
Hij zou als symbool voor Brabant toch de leeuw kiezen, boven het everzwijn, mede omdat het toch de traditie was, ook in de strijd tegen de Fransen. Op een opmerking uit het publiek dat misschien daarom zijn oud-studenten "Middelleeuwen" schreven met dubbel-l, zei hij die wel eens "een flinke bolwassing" te zullen geven. De leeuw werd door heersers vaak in hun wapens als symbool van macht gebruikt, maar ook bij portretten van dames waarbij de leeuw als een schoothondje aan de voeten van de dame ligt, als symbool van gehoorzaamheid van de vrouw, aldus Van Uytven. Op een afbeelding van Van Maerlant slapen leeuwen met open ogen, altijd waakzaam.

Hij toonde ook een afbeelding van een reconstructie van de wapenuitrusting en kledij met een leeuw van Hertog Jan I waarin hij deel nam aan toernooien. Het kon er soms ruw aan toegaan, bij een van die toernooien is hij omgekomen.

-Hierboven: oude kaart waarop Nederland wordt voorgesteld als een leeuw.
-Links boven: Uytven waarschuwt nog eens met het vingertje omhoog tegen de foute schrijfwijze van middeleeuwen met dubbel 'l', die zijn studenten plachten te maken.
-Links: Een reconstructie van de kleding van de hertog van Brabant .
 
De gedeputeerde van milieu was namens de provincie de gastvrouw van de avond. Bij de verwelkoming herinnerde zij aan de uitspraak van prof. Van Uytven uit 1985, dat Den Bosch nog geen 800 jaar kon bestaan omdat de stichting van de stad 10 jaar later was geweest in 1195 of 1196. 

-Links boven: vlnr. De persvoorlichter van De Boschboom, midden gedputeerde Annemarie Moons [natuur,milieu en landschap] en de echtgenote van Ed Hoffman.
-Boven:  Midden prof Uytven [l] in gesprek met Jac Biemans [Stadsarchief] en rechts: cultuur-ambtenaar Wies van Leeuwen.
-Links: Wederom gedeputeerde Annemarie Moons.

foto's © gerard monté, 17 oktober 2006.

De ridder uit de literatuur, Tristan, werd tot de 13e eeuw afgebeeld met een everzwijn, later werd dat een leeuw. Een everzwijn was toch te veel verwant aan het varken, dat vies is en in de modder ligt. Loslopende varkens werden in de steden later ook verboden maar sommige
instellingen kregen vergunning om een paar varkens te laten lopen zodat die zich vet konden eten aan het afval dat in de straten lag.
Toch droegen veel ridders op hun helm een everkop vanwege de vervaarlijke kracht die het beest uitstraalde.




Hierboven  links: Van de organisatie ontving de speciale gast het boekje van Van Maerlant met beesten.
Rechts: De zaal met een kleine 200 bezoekers. Rechts: De Papegaai van de paus', een van zijn uitgaven dat Uytven ter eigen promotie aan het publiek toonde


foto's © gerard monté, 17 oktober 2006.

Ook de walvis kwam aan bod, een zoogdier dat door zijn afmetingen indruk maakte. Ook in die tijd spoelden potvissen aan en toen Albert Dürer in Antwerpen was en hoorde dat er een walvis was aangespoeld, wachtte hij te lang om te gaan kijken. Eenmaal aangekomen was er van het karkas al niks meer over, het vlees was verdeeld, de huid kon als schoenenleer dienen, de baleinen konden dienst bij de dames om zeker volume te vergroten.

In 1574 was er zo'n hongersnood in de stad dat ook honden gevangen en gegeten werden, een hond kostte 40 stuivers, een metselaar-vakman verdiende in de tijd per dag 6 stuivers. 

De Bossche geschiedschrijver Cuperinus vertelde over een wolvenplaag en de jacht op deze beesten. Er werden beloningen uitgeloofd voor dode exemplaren. De jacht op hazen en gevogelte was voorbehouden aan het lagere volk. De hogere stand mocht met paarden en honden jagen op herten en everzwijnen.

De spreker ging op humoristische wijze met het onderwerp om; op een vraag uit het publiek waarom een zwaan vaak, oa bij Jeroen Bosch, werd afgebeeld bij als symbool van de handel van marketensters en van bordelen, antwoordde hij met de tegenvraag wat er van hem verwacht werd te weten van een bordeel. 
zie ook www.detijdreiziger.nl  



Terug naar boven