Jaarlijkse herdenking begon in Grote Kerk Kerkplein

Printerversie
Gepubliceerd op: 04-05-2014 | Gewijzigd op: 05-05-2014
In de Grote of voormalige Hervormde Kerk op het Kerkplein voltrok zich in de vooravond van zondag 4 mei 2014 de jaarlijkse herdenking van slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en alle daarop volgende oorlogen. De dienst werd geleid door dominee  Peter van Helden en muzikaal ondersteund door organist Jamie de Goei en het koor Mi Canto olv Enrico van Schaik.

>>Onderaan het artikel de tekst die stadschroniqueur Eric Alink bij het herdenkingsmonument uitsprak.

-De grote kerkzaal van de voormalige Hervormde kerk op het Kerkplein, waar de herdenkingsplechtigheid plaats vond.
-Rechts:  Het Mi Canto koor olv Enrico van Schaik.
foto's © paul kriele, 4 mei 2014.

Van Helden begon de dienst met een welkom waarin hij verwees naar de openingsmuziek op het orgel "Oh Mensch bewein dein Sundef gross'. Ofwel 'Mens gedenk en beween,'  aldus van Helden die verwees naar de bijzondere bloemdecoratie van José van Bergen. Zij maakte onder meer een decoratie van verkoold hout en brokstukken [verwijzend naar een bombardement]  en prikkeldraad [verwijzend naar een concentratiekamp] en rode rozen als teken van hoop en 'Dat nooit meer..'.
Op het altaar stonden zes niet brandende kaarsen klaar die verwijzen naar de zes continenten, waar de Tweede Wereldoorlog woedde en naar 'zes',  het  getal van de mens, die op de zesde dag is geschapen.

-Boven :Jeugd van het St.Janslyceum met docent geschiedenis René Kok en  vier brugklasleerlingen van het St.Janslyceum en zes leerlingen van de basisschool het Bossche Broek. 
 

foto's © paul kriele, 4 mei 2014.
 -Rechts: JanJulius Wintermans die als vertegenwoordiger van het COC een gedicht van Jan van Velthoven 'Vrijheid verplicht' voorlas en ook een kaars opstak.

*Voor tekst gedicht zie hieronder.

Bijdragen van de jeugd
Elke leerling las op zijn/haar eigen manier een tekst voor, een gedicht soms of een anekdote over een familielid uit de oorlog, een ander had geheel zelf een tekst gemaakt zinspelend op vrijheid en gedenken. Immers het motto van deze gedenkbijeenkomst was 'Vrijheid geef je door'.

4 mei lezing door oud -minister van Ontwikkelingssamenwerking Jan Pronk.
Prink sprak over een minuut gedenken. Waarom herdenken we de milljoenen doden? Waarom nog steeds 2 minuten stilte?  Zoals in het Belgische Lier waar elke dag om 20.00 uur honderden mensen waaronder veel jeugd samenkomen uit respect voor de honderden doden en de offers die zij gebracht hebben.
Pronk haalde diverse dichters aan en citeerde onder meer  Brezensky, oud-adviseur van voormalig VS-president Jimmy Carter.  Zbigniew Brzezinski deed een aanklacht tegen het te gemakkelijk roepen van 'Nooit meer'. De geschiedenis herhaalt zich nooit in dezelfde gedaante, maar wel steeds weer volgens hetzelfde patroon,' sprak Pronk Brzezinski na.
1  minuut stilte is nodig en noodzakelijk om het geweten te laten spreken: niet zwijgen en geen herhaling van de geschiedenis, aldus Pronk, een voornemen dat kort gezegd ook weer van een Ruwandese was overgenomen:  herinneren, herenigen en hernieuwen. Zonder dat kun je geen 4 mei gedenken en geen bevrijdingsfeest vieren,' zei Pronk tot slot.

Ook loco-burgemeester Geert Snijders stak als laatste een kaars aan.
foto's © paul kriele, 4 mei 2014.

Na het slot met het zingen van het Wilhelmus trok men in een stoet via de Parade en de Clarastraat naar Bastion Antonie, waar kransen werden gelegd bij het herdenkingsmonument en het Joods Scholierenmonument.
Op het Bastion waren ruim 400 belangstelllenden. Op de traverse leek het om 20.00 uur even 2 minuten stil..

Scholieren van de basisschool Het Bossche Broek en van het St Janslyceum, die het Joods scholierenmonument hebben geadoprteerd, legden er zondagavond 4 mei 2014 met loco-burgemeester Geert Snijders een krans bij.

foto © henk van esch, 4 mei 2014.
 


Gedicht van Jan van Velthoven voorgedragen door Jan Julius Wintermans.

VRIJHEID VERPLICHT JE

als je op vier mei, acht uur 's avonds, op de Dam
om vrijheid schreeuwt,
verbreek je niet alleen de stilte en de vredigheid,
maar vooral dit: de vrijheid om te samen te gedenken

vrijheid kan niet bestaan zonder haar tegendeel,
zij roept om toewijding, verplichting en geduld,
zij dient gevoed te worden, en gekoesterd, en gevuld

want vrijheid zonder tegendeel,
dat is een baby zonder melk,
dat is een smartphone zonder apps,
dat is een patiënt zonder verzorging

want vrijheid zonder tegendeel,
dat is een democratie zonder minderheden,
dat is een allochtoon zonder werk,
dat is een illegaal zonder rechten

als je op vier mei, acht uur 's avonds, in ons land
je vrijheid om te spreken opgeeft
om samen, met zijn allen, stil te staan
weet dan: zij vielen in onvrijheid voor de vrijheid

en zonder onze inzet is dit vergeefs gedaan


jan van velthoven


Tekst van Stadschroniqueur Eric Alink, op 4 mei 2014 uitgesproken
bij het herdenkingsmonument op Bastion Anthonie.


Graszode

Zo rond negenen, dan komen ze. Twee mannen. In zo’n vrachtwagentje van de Dienst Beheer Openbare Ruimte. Ze zullen dit veld aan de Hekellaan oplopen. Zorgvuldig zullen ze een graszode van exact 69 bij 69 centimeter lossteken en in een kistje leggen. Zij zullen de aarde van hun broek slaan, de twee oorlogsmonumenten een knikje geven en vertrekken. Naar de Verwersstraat.

Nog twee nachtjes. Dan kunnen we hem zien. In een vitrine van het Noordbrabants Museum. Mooi uitgelicht, onder klimatologisch verantwoorde omstandigheden. Op het tekstbordje zal staan: “Negenenzestig jaar na de Tweede Wereldoorlog was dit stukje gras getuige van de allerlaatste Dodenherdenking in Den Bosch.”

Schrikt u? Dat hoeft niet. Het is een verzinsel. U bent in groten getale gekomen – dat stelt gerust. Maar toch. Feit is dat de generatie die de oorlog heeft overleefd, stilletjes aan capituleert. Voor de dood. Zo groeit de publieke vraag of stilstaan bij het verleden nog wel toekomst zal hebben.

Onder ons gezegd: ik vind dat een wonderlijke vraag. Want deze samenleving weet alles voor vergankelijkheid te behoeden. Hartstochtelijk leggen wij ons leven vast. Onze computers zijn de musea van onze woorden, beelden, geluiden. Wat er niet in past, bergen wij op in datacenters: kathedralen van herinnering. Niet eerder verstonden wij zo de kunst van het onthouden.
Kranslegging Herdenkingsmonument
Bastion Anthonie.


foto © henk van esch, 4 mei 2014.

'Stolpersteinen' op de Boterweg
Dat lokt de vraag uit of we alles moeten onthouden. Wat doet er werkelijk toe? Is dat de foto op Twitter van dat omgevallen dienblad in het café? Zijn het de 23 likes op Facebook bij de verzuchting dat je niet van regen houdt? Als het om vrijheid en gelijkheid gaat, wat moeten wij dan niet vergeten?
Het antwoord kreeg ik van Betty Lievendag, een joodse vrouw uit Amsterdam. Een week geleden stapte ze uit haar Peugeotje. Op de Boterweg. Voor het eerst in haar leven bezocht ze Den Bosch, de stad die ze zo stug had gemeden. Zij belde aan op nummer 34. De deur ging open. Net zoals op 27 juli 1942, want in Den Bosch is gastvrijheid van alle tijden. Alleen: toen stonden er Duitsers op de stoep.

Nee, koffie zetten was niet nodig. Zij kwamen enkel iemand halen. Precies vier maanden nadat ze Izak Lievendag hadden opgepakt, kwamen ze terug. Opnieuw belden ze niet vergeefs aan op huisnummer 34. Die nacht zouden de kamers elkaar bangelijk vragen of iemand Sophia Lievendag, de tweejarige Max of zijn oma Dina nog had gezien. Maar in heel het huis had hol ‘Nee’ geklonken. Izak stierf korte tijd later in de gaskamer van Mauthausen, Max en zijn moeder in Auschwitz, Dina vond de dood in Sobibor.
Dat is het verhaal van Betty Lievendag, hun nicht. Ze vertelde het vorige week op Boterweg 34, in de stad die ze zolang had ontkend. Op tafel lag een tekening van haar stamboom. Ik klom erin, greep af en toe mis. Er ontbraken takken. Oorlog is een zaag.

Betty is nu 67. Scherp van geest. Maar ooit zal ook haar geheugen haperen. De herinneringen aan haar 41 vermoorde familieleden – van vaders kant en moeders kant - zullen vervagen. In dat besef vroeg ik haar of zij dementie een straf of zegen zou vinden. Ze dacht na, zei: “Ik wil blijven herinneren. Want ik kan niet vooruitkijken als ik vergeet wat er achter me ligt.” Ik vroeg haar ook of ze het uitsloot dat groepen in de samenleving – zoals eens de Joden, Roma, Sinti en anderen – ooit nog vervolgd zouden worden. Nee, dat sloot ze niet uit en ze wees op tekens aan de wand. Voor haar waren vraag en antwoord glashelder: Willen we meer of minder gezond verstand? Meer.

Wat zo’n verstand kenmerkt, is een goed geheugen. Een geheugen dat kan schiften en weet wat zinvol is om te onthouden. Als we dat verstand blijven volgen, hoeven wij nooit naar het Noordbrabants Museum om te zien wat in deze stad is verdwenen: een graszode die een Dodenherdenking beleefde, een geluidsopname van twee minuten stilte, een foto van lege plekken in een stamboom.



Terug naar boven