Vliegramp Oekraïne: Impressie rouwcolonne+Herdenking op Parade

Printerversie
Gepubliceerd op: 27-07-2014 | Gewijzigd op: 28-07-2014
Op 23 juli 2014 vond op de Parade een door de gemeente opgezette Herdenking plaats van de vliegramp op 17 juli 2014 boven de Oekraïne, waarbij van de 298 slachtoffers ook 43 Brabanders [onder meer uit  Rosmalen, St . Michielsgestel en Den Bosch] te betreuren vielen.**

Het waren momenten van een indrukwekkende stilte. Met op de achtergrond de Sint Jan spraken plebaan Gert-Jan van Rossem en loco-burgemeester Jan Hoskam woorden van droefenis. Ook stadschroniqueur Eric Alink* en dichter Gé van Berkel droegen een gedicht voor. Na het luiden van de doodsklokken leest chef kabinetszakenJan de Wit de acht namen op van de Bossche slachtoffers. Na het spelen van The Last Post heerst er een minuut stilte.
Bij de ceremonie waren enkele honderden mensen aanwezig.

*Voor de herdenkingscolumn van Eric Alink en het gedicht van Gé van Berkel zie onderaan dit artikel..
**Voor de video van Henk van Esch van de herdenking klik op Vliegramp









-Boven: Woensdag 23 juli 2014: Momenten van stilte op de herdenkingsdienst op de Parade
nav de vliegramp boven de Oekraïne
.
-Rechts: De toespraak van
loco-burgemeester Jan Hoskam.

foto's © henk van esch, 23 juli 2014.

Rouwcolonne langs Den Bosch,  met de slachtoffers van de vliegramp.

Donderdag 24, vrijdag 25 en zaterdag 26 juli trok een rouwcolonne met tientallen slachtoffers van de vliegramp van 17 juli 2014 van de vliegbasis Eindhoven, via o.a. Den Bosch,  naar de Van Opheusdenkazerne in Hilversum, waar de identificatie van de slachtoffers plaats vindt. Langs de route stonden duizenden mensen. Het verkeer stond op diverse plaatsen stil
foto's © ellen elemans, 26 juli 2014.
------------------------------------------------------------------------

Zonnebloemen

De dood is een notaris.
Zelfs in de zomer tot overwerk bereid.
In zwart pak trekt hij loten.
Vier cijfers, twee letters.
Hardop leest hij voor waar de klappen vallen.
Wij horen 5247 KV en andere adressen in Brabant, ons land, de wereld.
Willekeur woont overal.
Dan is de zomertrekking voorbij
De dood een postcodeloterij.

Wij lezen de lijsten met namen.
Kinderen, mannen, vrouwen.
Wie voorzag hun lot?
Op akkers en erven zoeken wij het antwoord,
nadat op een zomerse dag
298 vragen zomaar

uit de lucht zijn komen vallen.

Wij zoeken vergeefs.
Op deze velden groeit slechts waarom.
Hoe het lot huishoudt hier en elders:
het slot dat op de sleutel wacht.
De goudvis die voor altijd bij de buren blijft wonen.
De kaart op de kokosmat voor het kinderfeestje - na afloop word je thuisgebracht.

De dood is een notaris in het zwart.
Met volle vaas op zijn bureau:
zonnebloemen uit Grabovo.
Hij keert en kantelt,
draait de vaas steeds rond.
Maar alle bloemen bleek en geel
draaien zich weg - zij zagen te veel.
Buigen hun hoofden naar de grond.



Eric Alink, stadschroniqueur van Den Bosch

================
Gedragen door de wind

Zweeft blijdschap boven wolken.
Stuwt met vleugels gespreid.
Enthousiasme met blijde gezichten voort.
Men leest een boek over de bestemming.
Kijkt naar prenten waar de vlucht je brengt
Praat over avonturen
Plannen, vele plannen.

We gaan er wat van maken.

Kinderen spelen
Of worden zacht huilend in slaap gewiegd
Een wereld van ontmoeting aan de ander kant.
Misschien dat je geliefde op je wacht
Dat al gelukzalig in gedachten voor je ziet.
Sluit je tevreden even de ogen.

In de romp opzoek naar ontspanning.
Of zacht klinkt de favoriete muziek sprankelend in je oor.
En speelt digitaal je leukste spel.
En glijden vleugel, snort de wind.
Avontuur, ons zo bekent.
Zoeken we plekken op de bol, om te delen
Te beleven, te verbazen, te zijn.

Voor vrienden of aan nieuwe vriendschap bij te dragen.
Dat zijn wij.
Maar diezelfde aarde besmet met grof oorlogsvuil.
Heeft geen oog voor al dit schoons.
En boord, gruwelijk, elke droom aan flarden.
Verbaaste woede nagelt ons aan de grond.
Spartelend met ons verdriet.
Verbijstering slaat ons in haar spagaat.

Nauwelijks tot woorden in staat.
Proberen we te vatten wat maar niet te vatten valt.


Tekst: Gé van Berkel


Terug naar boven