Groot Tuighuis: Expo van vervolging 53 Bossche Sinti en Roma

Printerversie
Gepubliceerd op: 14-10-2019 | Gewijzigd op: 15-10-2019
Maandag 14 oktober 2019 Groot Tuighuis: Expo van de in 1944 door de NAZI's vervolgde 53 Bossche Sinti en Roma.
Tevens werd een gedenktafel met namen van omgekomen Sinti en Roma onthuld. 
Zie onderaan artikeldoor Monique Ruzius-Brummans verricht  uitvoerig onderzoek met resultaat over de weggevoerde Sinti enRoma in 1944. 
 
...
....

-Hierboven de onthulling door Sint's Pawo [Paul] Winterstein en Edwin Grünholz van de gedenktafel met dertien namen van omgekomen Bossche Sinti's in de NAZI-vervolging 76 jaar geleden. Links burgemeester Jack Mikkers. De steen
met  namen krijgt een plaats in het station waar
vandaan de vervolgde Sinti en Roma in 1944  zijn weggevoerd. 

-Onder: Indruk van de expositie 'De Lange Weg' of 'O Lungo Drom'.


foto's © paul kriele, 14 oktober 2019.
 
...

In het Groot Tuighuis werd maandagmiddag 14 oktober 2019, in aanwezigheid van nabestaande Sinti en Roma en leden van derde en vierde generaties Sinti en Roma de expositie geopend over de 76 jaar geleden vervolging door de NAZI's van 300 Bossche Sinti en Roma.
Parallel aan de opening onthulden twee Sinti, te weten Pawo [Paul] Winterstein en Edwin Grünholz de gedenksteen met de namen van de 13 vermoorde Bossche Sinti en Roma. 
 
Monique Ruzius-Brummans van Erfgoed, die na jaren onderzoek tot een
meer correcte lijst kwam van weggevoerde en teruggekeerde Roma en Sinti's.

foto © paul kriele, 14 oktober 2019.

Ceremoniemeester Rob van de Laar [Erfgoed] gaf in zijn welkom toe dat de historie van de Sinti en Roma een beetje is weggemoffeld en terzijde is geschoven. Daarom ondersteunt de gemeente ’s-Hertogenbosch- na een diepgaand onderzoek over het werkelijk verloop van de Nazi-vervolging van deze Bossche bevolkingsgroep en de opzet van deze expositie en het plaatsen van een gedenksteen zodat de geschiedenis van de Bossche Sinti en Roma vervolmaakt is en blijvend herinnerd. Dat onderzoek is nauwgezet en langdurig gebeurd door Monique Ruzius- Brummans die daarover een uitvoerige toelichting gaf. [Zie morgen, dinsdag 15-10-2019, dat uitgebreid verhaal].

Monique Ruzius heeft de eerder bestaande onvolledige lijst met namen van weggevoerde en teruggekeerde Sinti en Roma compleet gemaakt.

Morgen, dinsdag 15 oktober 2019, volgt op deze site haar uitvoerig verslag met achtergronden van haar onderzoek over de vervolgde Bossche Sinti en Roma's en de totstandkoming van een nieuwe correcte lijst met alle namen van weggevoerde en teruggekeerde Sinti en Roma. 
 
.. ...
Zoni Weisz en rechts Paul Winterstein.   foto's © paul kriele, 14 oktober 2019. 

Twee overlevenden van de Nazivervolging, te weten Zoni Weisz Paul Winterstein brachten in een emotionele toespraak hun herinneringen in beeld. Zoni Weisz belichtte de gemeenschap die al eeuwen is gediscrimineerd en nooit werd getolereerd. De Sinti leefde als een nomadisch volk met tachtig jaar geleden als dieptepunt hun uitsluiting en daaropvolgend de uitroeiing door de nazi’s. Dat noodlot trof 500.000 Sinti en Roma’s. ‘De Lange Weg’, zoals de Nederlandse naam is van de titel van expositie ‘O Lungo Drom’ toont die geschiedenis . ‘Maar,’ zegt Weisz, ‘Als je naam niet meer genoemd wordt , besta je niet meer. We hebben het overleefd. Onze cultuur is nog steeds zicht- en hoorbaar. We hebben de wereld verrijkt met die muziek, ons ambacht en onze kunst.’ Zoni Weisz en de daarop volgende spreker Paul Winterstein dankten de samenstellers van de expositie Beike Steinbach en Peter Jorna en de Bossche medewerkenden Marc Verbeek, Jan de Wit Nicolette Meeuwis en Monique Ruzius-Brummans.

André Raatzsch uit de derde generatie Roma en bestuurslid van van het Documentatiecentrum Sinti en Roma in Heidelberg onderstreepte dat de gedenktafel met de 13 namen niet alleen voor de Sinti en de Roma is, maar voor de stad ’s-Hertogenbosch, als teken van democratie en recht betekent. Raatzsch sprak de hoop uit dat volgend jaar als ook de Sinti en Roma-gemeenschap een krans zal leggen bij 76 jaar Bevrijding, dat er velen bij die herdenking aanwezig zullen zijn.

Burgemeester Jack Mikkers was ontdaan en onder de indruk van de boodschap van André Raatzsch . Aldus begon Mikkers: Wat moet je nog zeggen in deze omgeving met deze sprekers. Maar duidelijk is dat het gaat over de samenleving die we willen zijn. Maar bij jou Raatzsch gaat het om de verbinding. Sinti of Roma we zijn allemaal burgers in de stad in het land of waar ook in Europa. En….. hebben we oog voor elkaar en snappen we deze cultuur met zijn muziek, zijn zaalvoetbal, zijn ambacht en zijn kunst. Wat zou het geweldig zijn,' zo zette Mikkers zijn gedachten voort, 'wanneer een van de Sinti’s of Roma’s lid van de gemeenteraad zou zijn. Dat zou de ultieme bevestiging van onze verbintenis, van onze eenheid zijn.’
 
...................
De vierde generatie Sinti en Roma's bij de
gedenktafel die door hen werd gefotografeerd.
...................
Zigeunerorkest Brandt met vlnr: Moreno, Prala, Soenie en Gino.
foto's © paul kriele, 14 oktober 2019.
...................

Na deze toespraken en de muzikale intermezzi’s van het Zigeunerorkest Brandt met Gino viool, Soenie bas, Prala piano en Moreno gitaar, volgde de onthulling van de gedenksteen met 13 namen van omgekomen Sinti en Roma door Sinti Paul Winterstein en Edwin Grünholz, die samen met burgemeester Jack Mikkers het doek van de gedenktafel haalden. De gedenksteen krijgt een plaats op de hoek Oranje Nassaulaan-Stationspein, de plek waar vandaan de Roma en Sinti in 1944 zijn weggevoerd.


Lezing 14 oktober 2019 bij presentatie namenplaquette Sinti en Roma
[Verslag van verricht onderzoek door Monique Ruzius-Brummans in de voorbij 17 jaren gedaan, naar de namen en aantallen in 1944 iov de NAZI's weggevoerde Bossche Sinti en Roma]
 
O lungo drom: de lange weg. Zo heet de tentoonstelling die vanaf vandaag hier in het Groot Tuighuis te zien is. Ik neem u mee op een reis door de tijd om zo een beeld te schetsen van het onderzoek dat aan de namenplaquette die straks gepresenteerd wordt ten grondslag ligt. Die reis begint meer dan 17 jaar geleden.
 
Ik werkte nog maar pas bij het Stadsarchief ’s-Hertogenbosch toen er twee mannen zich bij de balie melden. Familie van hen was tijdens de Tweede Wereldoorlog vanuit ’s-Hertogenbosch afgevoerd om niet meer terug te komen. Of ik daar iets van had wat ze konden gebruiken om in aanmerking te komen voor rechtsherstel? Al snel vond ik in onze archieven een dossier waarin twee lijsten zaten: Een lijst van mensen die op 16 mei 1944 vanuit ’s-Hertogenbosch naar Westerbork waren afgevoerd en een lijst met personen die op 20 mei 1944 vanuit Westerbork naar ’s-Hertogenbosch waren teruggekeerd.
 
De namen van hun familie stonden inderdaad op de lijsten. Ook werd in een brief van de politie in datzelfde dossier de woonwagen van een familielid genoemd. Voor mij was dit de eerste keer dat ik rechtstreeks in contact kwam met het grote persoonlijke leed dat schuil gaat achter de abstracte aantallen en data.  

 In november 2016 werd ik door Kabinetszaken van de gemeente ’s-Hertogenbosch en Marc Verbeek van Aldus Projecten benaderd. Ze hadden het plan opgevat om, aansluitend op de onthulling van het Joods Monument hier in de stad, een Erelijst samen te stellen. Op deze Erelijst zouden álle namen van inwoners van ’s-Hertogenbosch moeten worden opgenomen die sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, waar ook ter wereld, door oorlogsgeweld om het leven waren gekomen. Aangevuld met de namen van de bevrijders van de gemeente in oktober 1944. De basis voor deze Erelijst waren de lijsten die in 2008 waren opgenomen in het boek Wegens Bijzondere Omstandigheden, ’sHertogenbosch tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat betrof een overzicht van gesneuvelde Nederlandse militairen, omgekomen burgers, de vermoorde Joden en de bevrijders van de Welsh Division. 
 
Al tijdens het eerste gesprek werd duidelijk dat één groep ontbrak: de Sinti en Roma. Omdat ik me toen de lijsten met namen van de “Bossche” Sinti en Roma die in mei 1944 waren afgevoerd herinnerde, dachten we er zo snel uit te zijn. Maar de praktijk bleek iets weerbarstiger.
 
In tegenstelling tot sommige andere plaatsen in Nederland waren van de Sinti en Roma in ’s-Hertogenbosch geen persoonskaarten bewaard. Dit betekent dat ik niet kon controleren of er meer slachtoffers zijn geweest dan degenen die op de lijsten stonden vermeld. Waren de lijsten überhaupt compleet? Waren er wellicht nog anderen vanuit het kamp aan de Sieb in ’s-Hertogenbosch afgevoerd?
 
We wilden perse niet het risico lopen dat we personen zouden vergeten, vooral niet van deze toch al vergeten groep slachtoffers. Op de lijst van 16 mei 1944 staan 51 mensen die vanuit ’s-Hertogenbosch met de trein naar Westerbork werden afgevoerd: 29 van hen keerden op 20 mei 1944 vanuit Westerbork terug naar ’s-Hertogenbosch. Wat was er met de anderen gebeurd? Waren ze allemaal vermoord en zo ja waar en wanneer?
 
Aanvullend onderzoek was nodig. Raymond Schutz, toen nog werkzaam bij de archieven van het Rode Kruis, was daarbij erg behulpzaam. Hij stelde een overzicht van namen beschikbaar dat hij op basis van jarenlang onderzoek in de archieven van onder andere het Rode Kruis had samengesteld. Het is een lijst met daarop de namen van alle Sinti en Roma die op 19 mei 1944 vanuit Westerbork naar Auschwitz zijn afgevoerd, wie waar de dood vond en wie uiteindelijk is teruggekeerd uit de kampen. Dit overzicht vergeleek ik met de namen op de Bossche lijsten. 
 
Herman van Rens, gepromoveerd op de vervolging van joden en Sinti tijdens de Tweede Wereldoorlog in de provincie Limburg, was zo vriendelijk om naar ’s-Hertogenbosch te komen om van gedachten te wisselen over de vraag of er, in theorie, ook andere Sinti en Roma met een band met deze stad vanuit ’s-Hertogenbosch of vanuit andere plaatsen afgevoerd kunnen zijn. Herman van Rens was volgaarne bereid zijn kennis en bronnen over dit onderwerp met ons te delen.
 
Beike Steinbach, Zoni Weisz en Peter Jorna kwamen eveneens naar ’s-Hertogenbosch om hen op de hoogte te brengen van het onderzoek en de plannen om de resultaten ervan te
presenteren in de Erelijst, op de namenplaquette en op de website van Erfgoed ’s-Hertogenbosch.
 
Tot slot diende ik in het najaar van 2018 een verzoek in bij het Nationaal Archief in Den Haag. Daar waren inmiddels de archieven van het Rode Kruis ondergebracht. Omdat ze vanwege de strenge openbaarheidsbeperkingen slechts zeer beperkt toegankelijk waren, moest er een gemotiveerd verzoek tot inzage in dossiers komen. Na een half jaar wachten, kwam in mei 2019 het verlossende bericht vanuit Den Haag: ik had toestemming om de beschikbare dossiers met betrekking tot ’sHertogenbosch in te zien.
 
Op 12 juni 2019 gingen Marc Verbeek en ik naar Den Haag: wat volgde was een lange en intense dag. Vanaf ieder bladzijde in de diverse dossiers kwam het oneindige persoonlijke leed ons tegemoet. Dat, en de enorme bureaucratie in de afhandeling van de verschillende dossiers, maakte een diepe indruk op ons beiden. De soms lange jaren van onzekerheid bij nabestaanden, voordat ze dan eindelijk zekerheid hadden over het lot van hun geliefden, waren pijnlijk om te lezen.
 
Op basis van deze gegevens had ik voor nu voldoende zekerheid: vanuit ’s-Hertogenbosch begonnen op 16 mei 1944, 13 mensen aan een lange weg die uiteindelijk eindigde in verschillende vernietigingskampen. 13 mensen, de oudste was 65 jaar, de jongste bijna vier maanden. Hun namen zijn vastgelegd op de namenplaquette die straks wordt gepresenteerd. Hiermee heeft de vergeten groep Bossche Sinti en Roma een plek gekregen.
 
Het was voor mij een lange, indrukwekkende, leerzame reis maar vooral ook een intensieve reis. Maar ik ben dankbaar dat ik hem heb mogen maken om vanuit mijn professie een bijdrage te mogen leveren aan de nagedachtenis van deze 13 Bossche Sinti en Roma.

 

Terug naar boven