Rondleiding met 400 'Vrienden' in nieuwbouw Museumkwartier

Printerversie
Gepubliceerd op: 20-01-2012 | Gewijzigd op: 23-01-2012
In de afgelopen weken hebben ruim 400 Vrienden van het Noordbrants Museum de ‘Hard hat tour’ meegemaakt.
Onderstaand een reportage met bouwtechnische museumindrukken.
 
Rechts: Opzichter Roel Coolen gaf o.a. op vrijdag 20 januari 2012 een erg informatieve rondleiding.
Gastvrouw van 'de Vrienden' was commercieel manager NB-museum Joyce de Jong
.

foto © paul kriele, 20 januari 2012.

'Hard hat' slaat op: de helm en de laarzen die behoren tot de veiligheidsvoorschriften. De laarzen, die voorzien zijn van stalen neuzen en zolen, waren ook nodig vanwege de modder op de bouwplaats.

Eerst was er een gastvrij onthaal in het deels begin1600 daterende Griffiegebouw in de Waterstraat, dat voortaan als kantoor van Brabants museum, Erfgoedhuis en SM’s en als opslag voor de Provinciaal archeologische Dienst dienst doet.
In de ‘Broodtrommel’, zoals de riante kantine van het museum heet, gaf de commercieel manager van het Noordbrabants museum Joyce de Jong, een uiteenzetting compleet met een korte helicopterview [Google earth-presentatie] over het project.
Uitzicht van wat gastvrouw Joyce de Jong de mooiste kantine van de stad vindt. Deze 'Broodtrommel' ligt op de zolderverdieping van het Griffiegebouw in de Waterstraat.

foto © paul kriele, 20 januari 2012.
 


De 15-tal gasten voorzien van een fel gekleurd hes, gele laarzen en met een bouwhelm op, kregen vervolgens van opzichter Roel Coolen een inkijk in het bouwproject.
Het was er binnen niet droog, hoewel het voor de Kerst 2011 wind en regen vrij maken van de uitbreiding en van de nieuwbouw een streven was geweest van de aannemer. Maar dat neemt niet weg aldus de goed gebekte Coolen dat het bouwen op schema ligt**.
In juni 2012 kunnen de conservators er hun collecties gaan huisvesten. De opening staat vastgelegd op12-12-2012.

** Zie ook artikel 'Nieuwe SM's glasdicht' dd.  10 januari 2012.

De 'hard hat-tour op de bouwplaats ging van kelder tot zolder en bestreek het hele bouwterrein.
Maar het begon met een wandeling door het Griffiegebouw van architect Lokhorst. Kenmerkend voor het interieur dat een rijke bouwperiode uitstraalt, zijn de unieke tegelwanden in de gangen die herinneren resp. aan de provinciale [op etage met tegels met NB erop] en de rijksbestemming [de tegels met de W van Wilhelmina] tegen de wanden op de begane grond.
Meer naar boven, waar de kantoren van het Noordbrabants museum liggen, neemt de luxe en ook de breedte van de gangen af.

Maar dat onderscheid in luxe laat zich ook bouwtechnisch onderscheiden in de chronologie van de bouwstadia.
Vanaf 1814 deed het dienst als griffie voor de Provinciale Staten. Van 1901 dateert de achtervleugel en in 1903 de bouw aan de straatzijde. Later , in de jaren 40, is er de zolderverdieping op gekomen.
Op de zolder zijn bij de modernisering nog de technische leidingen in het zicht gebleven, maar die zijn op de eerste en tweede etage weggemoffeld.

In 1971 nam Rijkswaterstaat er zijn intrek, maar in 2009, na een leegstand van 12 jaar, ging het gebouw dienst doen als kantoor.
Vanaf 2011 nam eerst het Brabants Museum, het Erfgoedhuis en de PDB [provinciale archeologie] het in gebruik en vanaf januari 2012 het SM’s.

Het nieuwe Stedelijk Museum aan de Mortel
Imposant waren diverse verdiepingen van het nieuwe SM’ aan de Mortel.
De etages voor de vaste [2e etage] en de de wisseltentoonstellingen [1e etage. Op die etages zijn de buitenmuren van glinsterende glaspanelen voorzien, hebben de tussendeuren naar de museumzalen, evenals de liftdeuren ten behoeven van grote kunstobjecten, een hoogte van 3.60 m.
Het nieuwe SM’s heeft een stuk van de tuin afgesnoept, maar laat – door een technische constructie de Tulpenboom [in de volksmond wordt  de Magnolia ook wel Tulpenboom genoemd]  en de 174 jaar [geschat.. ] oude rode beuk vrij.

 
Zorgenkindje is niet zo zeer de rode beuk, aldus Coolen, maar de Tulpenboom [rechts omkleed met houten planken] . Want als die bezwijkt dan gaat de beuk die niet tegen de zon kan, er ook aan. De magnolia beschermt hem.
De tulpenboom is door een verhoogd fundament van het SM's extra gerespecteerd.
De bomen worden goed in de gaten gehouden door boomchirurg Pius Floris.
Op deze foto is deels te zien dat de fundering van het SM's verhoogd ligt.

foto © paul kriele, 6 december 2011.
 

De fabrieksachtige zalen zijn voorzien van een sprinklerinstallatie, maar niet de beneden vloer die enigszins boven de grond hangt. Daar hangt geen kunst. Maar deze immens grote openbare ruimte heeft wel een bibliotheek en een grote, eivormig, auditorium. Die wordt bekleed door de Braziliaanse architectengroep de Campana brothers.
Nog opvallender in de vrij toegankelijke benedenhal zijn de toetervormige lichtarmaturen van de Duitser Ingo Maurer.
Echt bijzonder vindt Coolen de wokkelvormige trap naar de etages die meteen bij de ingang aan de Mortel opvalt.* De trap moet nog met hout worden bekleed. Ook bij het SM’s is de bovenste verdieping, vanwege de juiste lichtinval, voorzien van sheddaken.

*Zie ook artikel 'Majestueuze trap in SM's geplaatst  dd. 12 december 2011.

Zicht op museumuitbreiding vanaf  de tweede etage van het SMs'.
Zowel de uitbreiding van het Noordbrabants Museum heeft  shedaken als het nieuwe SM's.
Zicht vanaf dak SM's op de museumtuin.
foto's © paul kriele, 20 januari 2012.,

Vanaf de straat [de Mortel] heeft het publiek door een over de gehele breedte uitgevoerde glaswand, vrij zicht op deze ontvangsthal.
De toegankelijkheid van het nieuwe museumkwartier wordt nog versterkt door de corridor die door de tuin langszij het restaurant en de voormalige Statenzaal, naar de hoofdingang van het Noordbrabants Museum loopt .Deze verbindingsgang vormt de synergie tussen het ene museum en de nieuwkomer. Ook deze corridor staat, evenals de gratis toegankelijke hal van het Sm’s, overdag open.

Het binnentakelen van deze bizondere trap was een heel karwei. foto's © paul kriele, 12 december 2011 en 9 januari 2012 [r.]. Bovenin het trapgat komt nog een toetervormige lichtkoepel.

Noordbrabants Museum
De aannemer Volker Wessels Bouw & Vastgoedontwikkeling met aannemerscombinatie De Bonth van Hulten en Stam + De Koning Bouw begonnen op 7 juli 2010 aan het karwei. Eerst kwam de renovatie van Quist I en II aan de beurt en de tuingalerij.
Het nieuwbouwproject omvat dus de uitbreiding van het Noordbrabants Museum en het nieuwe SM’s. Beiden worden in juni 2012 opgeleverd.
Op 8 september 2011 werd met alle bouwvakkers het hoogste punt gevierd.
Voor de inrichting hebben de conservatoren een half jaar nodig. Op 12-12-2012 staat de officiële opening bepaald.

Inrichting Museum met enkele paradepaardjes
Het meest imposante van de uitbreiding van het Brabants Museum is de Brabantzaal. In deze zaal, met een oppervlakte van 800 m², komt de Brabantse geschiedenis tot zijn recht: Met Jeroen Bosch en de Brabantse en Bossche geschiedenis. Dat beeldverhaal bevat uiteraard het markante dieptepunt van 1629. Verder loopt dit onderdeel via de Franse tijd naar de 20ste eeuw met de Wereldoorlogen en de wederopbouw van de jaren 50/60.
In deze Brabantzaal bevindt zich ook een presentatie van de grootste Brabantse bedrijven, waaronder De Gruyter en Philips.
Maar het echt paradepaardje van de architect is de ‘Driehoekszaal’, die ingeklemd ligt tussen de Beurdsestraat en het Oud Bogaardenstraatje.
Aangrenzend- wat verdiept - ligt het auditorium of de filmzaal, die dienst gaat doen voor lezingen.

Historie van Gouvernementspaleis van Pieter de Swart gerespecteerd
In het voormalige Gouvernementspaleis wordt zoveel mogelijk de oude situatie gerespecteerd. Ook al zijn er hier en daar muren -deels- weggebroken en zijn doorgangen verbreed vanwege het veiligheidsaspect. Zelfs komen hier en daar de balklagen en de op zolder bewaard gebleven schouwen terug.
In de lijn van architect Pieter de Swart [*'s-Gravenhage, 1709-1773], die het paleis in 1766 ontwierp, respecteert het architectenbureau Henket ook enkele symmetrische details, zoals deuren en raamkozijnen die hier en daar – na een bouwkundig onderzoek - hersteld worden.

Links: Achter de houten panelen is een extra lift  in aanleg, maar verder zal dat niet zichtbaar zijn omdat een raampartij de liftschacht camoufleert.

foto © paul kriele, 15 september 2011.

Ook de zolder krijgt een functie voor educatiedoeleinden en de kantoren aan de Oostzijde van de paleisvleugel worden museumzalen. De voormalige Statenzaal, die geheel gerestaureerd wordt [ lambrisering en blauw getinte wand tapisserieën ] behoudt zijn publieke functie als trouwzaal en danszaal voor feestelijke gebeurtenissen.

Slot
Niets heeft de bouw doen vertragen: noch de hellende bouwkraan, noch de winter periode. ‘De casco’s waren dan nog niet wind en waterdicht, maar de bouw ligt op schema,’ aldus Coolen.
Daarover is de museumdirectie dik tevreden. Ook overigens over de bouwkosten die 56 miljoen bedragen, exclusief de inrichtingskosten van 7 miljoen.
Er is bewust voor het ontwerp van Bierman Henket architecten uit Boxtel gekozen, verklaart De Jong, door de opzet van de routing van beide musea.

Zie ook redelijk actuele artikelen, zoals 'Bouwvorderingen Noordbrabants Museum dd.11 januari 2012.

Terug naar boven