Huis van Bewaring St.Jorisstraat

Printerversie
Gepubliceerd op: 15-07-2007 Berichten aangaande het Huis van Bewaring dat -in Engelse stijl- in 1802 werd gebouwd als 'verbeterhuis'.
Het heeft tot 1 januari 2008 gediend als gevangenis laatstelijk voor verdachten die in afwachting waren van een proces of voor uitgestelde 'in hechtenisneming' en uitzitten straf.

Feuilleton over – einde - Huis van
Bewaring  15 juli 2007.

Morgen - maandag 16 juli 2007 -start Omroep Brabant op de radio met een feuilleton over het Huis van Bewaring. Aanleiding is de opheffing van deze strafinrichting. Bart Oosterveld maakt interviews met medewerkers in een ochtendprogram dat rond 7.15 uur begint. Het Huis van Bewaring in de St.Jorisstraat sluit na 200 jaar omdat het qua organisatie en logistiek niet voldoet aan de normen van deze tijd. Wat de toekomst is van het in neo-classistische stijl opgetrokken pand, waarover mogelijk nog een historische publicatie verschijnt, is onbekend. De Rijks Gebouwen Dienst [RGD] gaat behalve het Huis van Bewaring per 1 januari 2008 ook het ernaast gelegen in gele baksteen opgetrokken facilitair gebouw en het voormalige Paleis van Justitie aan de Spinhuiswal per 1 januari 2009 afstoten.

 
Inleiding Historie Huis van Bewaring
Als pand behoort het Huis van Bewaring tot de Rijks Gebouwen Dienst. Het valt het onder de Dienst Justitiële Inrichtingen van het Ministerie van Justitie [DJI]. De andere sectoren zijn: TBS, Jeugdinrichtingen en de Dienst Bijzondere Voorzieningen.
Interessant in de Bossche situatie is dan ook nog te vertellen, dat in het oude - met gele bakstenen opgetrokken - gebouw, aanpalend aan het Huis van Bewaring, het Shared Service Center is gevestigd dat ook onder de DJI valt. Dit Shared Service Center omvat onder meer inkoop, personeelszaken, financiën en ICT.
de panden
De Rijks Gebouwen Dienst RGD moet nog over de toekomst van dit pand beslissen. Het Huis van Bewaring sluit per 1 januari 2008. Aanpalend staat nog een Kantoorgebouw [Shared Service Center] van Justitie en aan de 'voorzijde', op de Spinhuiswal, een voormalig Paleis van Jusitie. Deze gebouwen worden per 1 januari 2009 afgestoten. Het is nog niet bekend welke bestemming ze krijgen, maar de RGD zal ze niet in eigendom houden.

Het Huis van Bewaring uit 1804 met zijn neo-classistische voorgevel. Het in Engelse bouwstijl opgetrokken pand dient al twee eeuwen als 'tuchthuis', maar verliest per 1 januari 2008 zijn functie. In 1804 werd het geopend als'verbeterhuis'in plaats van de cellen in de kelders van de stadspoort in de Hinthamerstraat, De LeuvensePoort.
foto's © paul kriele, 11 juli 2007.

Per 1 januari 2008 verliest dit gebouw met 236 plaatsen en circa 200 cellen, zijn functie vanwege niet passend aan de eisen van deze tijd. Dan denkt men aan factoren als beheer [veiligheid], de organisatie van de diensten [praktisch toezicht op en ontspanning van de gedetineerden] en de logistiek.

Achterin de voormalige directeurswoning die nu dient als kantoor met onder andere de kamer voor de locatiedirecteur Ton van Duijnhoven en het secretariaat.  Op deze foto de toegang voor de busjes van het Openbaar Ministerie [OM] en voor de leveranciers. 

Rechts de zijmuur van het vooramlige klooster St.Jan Baptist dat eind jaren 60 werd opgesplitst in appartementen.

 foto's © paul kriele, 11 juli 2007.

de historie

Al ver voor 1800, het zou nog 74 jaar duren vooraleer de vestingstatus werd opgeheven, werden al plannen gesmeed om een Tuchthuis te bouwen. Op 'een lapje tuingrond', dat warmoezerijen, weiland en akkers bevatte, kocht het Rijk grond aan. Ook de schutterij had er aangrenzend zijn oefenterrein. De bouwkosten bedroegen 100.000 gulden. Het bedrag dat voor het stukje grond van de schutterij werd betaald was 3500 gulden.
Voor 1874 lagen meteen aan de stadsmuur deze warmoezerijen waar boeren hun groenten teelden en het vee lieten grazen. 
Het huis, waarvoor de Haagse architect J. Gunkel het ontwerp maakte, is opgetrokken in een classistische bouwstijl, die toen mode was. 

de gevangenenfabriek
De gevangenen verhuisden van de kerkers en enkele cellen in de Leuvense Poort [Hinthamerpromenade] naar een grote gevangenzaal. Behalve de stadspoort diende ook de kelders van het stadhuis als gevangenis. De gaffelkamer of teerkamer herinnert daar nog aan.
Het huis in de St.Jorisstraat, dat afgestemd was op 225 plaatsen, kreeg de bijnaam Spinhuis vanwege het werk, spinnen van wol, dat de gevangenen verrichtten. 
Voor elk jaar detentie betaalde de gemeente Den Bosch 120-160 gulden en daarnaast 120 gulden wasgeld.

Gevangenschap betekende opsluiting in afwachting van een definitieve straf, zoals ophanging, brandmerking of geseling. De uitvoering vond plaats op de Markt, waar op 4 juni 1856 de laatste terechtstelling plaats vond of op de Vughtse hei, waar eeuwen een galg heeft gestaan. In sommige plaatsen kent men nog het galgenveld.
Pas in de 18e eeuw verdwijnen de lijfstraffen en worden rasp-of tuchthuizen opgericht.
bewaking
De gevangenen verbleven overdag op werkzalen en 's nachts op slaapzalen.

In het Bossche Huis van Bewaring werden de gevangen bewaakt door 4 bewaarders, die inwonend waren mét vrouw én kinderen. Buiten hielden nog eens 28 soldaten olv 2 korporaals en een sergeant de wacht.
De taak van de bewaarders bestond uit: toezicht houdne op de bezoeken, eten uitdelen, inspecties van deuren en aantal gevangenen, de stookplaatsen brandend houden, controle van d eriolering, op gezette tijden de bel luiden en de aanname van oude [wassen] en vertrekking van nieuwe kleding. 
Er heersten vele misstanden, zowel bij de bewaarders: fraude, onzorgvuldigheid in taken, dronkenschap en diefstal. Ook bij de gevangenen zat het niet altijd lekker. Neem bijvoorbeeld de onderlinge jaloezie, machtsmisbruik en sexuele uitspattingen.
Het Huis van Bewaring was bedoeld voor 225 gevangenen [tenminste zoveel plaatsen waren er]. In werkelijkheid zaten er 692 mannen en 136 vrouwen. In 1829 volgde een uitbreiding naar 350 plaatsen....
Vanaf 1860 komt de cellulaire opsluiting in beeld. Een beleid dat volgt uit de opinie dat afleren van slecht gedrag alleen kan door eenzame opsluiting.
'Den Bosch' verbouwt in 1860 het tuchthuis tot cellengevangenis.

In diezelfde 19e eeuw nog werd het tehuis opnieuw uitgebreid met onder meer een hospitaal. De mannen, zo staat in de annalen te lezen, liggen om en om in hangmatten. Dat 'om en om' was bedoeld om sexueel getinte omgang onmogelijk te maken....
In het tijdvak 1860-1940 komen er meer gespecialiseerde opnamens en verblijven, zoals zalen/afdelingen voor jongens, aparte [oudere] mannenafdelingen en afdelingen waar men op medische grond [invalide, psychiatrische aandoeningen] verblijft. In deze eeuw worden ook vormen van onderwijs ingevoerd.
In 1892, zoals het Gemeenteverslag uit dat jaar meldt, staan er 4 eerste klas bewaarders geregistreed en 17anderen, van wie 1 vrouw, 1 administrateur, 1 klompenmaker en 1 schoenmaker .
De gedetineerden brengen de dag [half 7 tot half 9] door met werken.
In de oorlog functioneert het HvB tegelijk met een afdeling van de Sicherheitspolizei.  
Na de oorlog krijgt het verschijnsel resocialisatie meer aandacht en ook de ontspanning vormt , naast het volgen van een kerkdienst, luchten en arbeid, onderdeel van het weekprogramma. Met name wordt in dit verband gelet op de jongeren
In de jaren 60 mogen de gedetineerden 10 maal per jaar -groepsgewijs- naar de tv kijken...  


In 2004 werd nog een nieuwe keuken, via het dak. op de binnenplaats gehesen foto's © paul kriele, 30 juli 2004.
Dakbedekkers en leiherstellers van Daktechno [Jerry Pasman] die eind mei begin juni 2004 herstelwerkzaamheden uitvoerden op een van de torengebouwen van het aangrenzende kantoorgebouw van het Huis van Bewaring.
  foto © paul kriele, juni 2004.
Bronnen:- 'Ge kunt me nog meer vertelle...' . Uitgeverij Bastion Oranje. 1989.
- De Leuvense Poort, Twee eeuwen detentie in 's-Hertogenbosch 1807-2007. Uitgave P I Noord-Brabant -Noord. 2007 [Niet in de handel verkrijgbaar].
- Klaas de Graaff manuscript over historie Huis van Bewaring getiteld: 'De polsslag van het kwaad', ofwel '200 jaar Detentie in 's-Hertogenbosch'.

Terug naar boven